Strafrechtadvocaat: "Niet ministers, maar topambtenaren hebben de macht in Nederland"
In dit artikel:
Strafpleiter en oud-militair Michael Ruperti stelt in de podcast Grensloos Gebabbel dat de feitelijke macht in Nederland vaak bij de ambtelijke top ligt, niet bij ministers. Hoge ambtenaren zouden volgens hem beleid en informatie sturen, terwijl zij zelf buiten beeld blijven en niet rechtstreeks politiek ter verantwoording worden geroepen. Bewindslieden zouden daardoor afhankelijk zijn van dossiers die ambtenaren voorbereiden en bij fouten als eersten opstappen, terwijl de ambtelijke leiding blijft zitten.
Als belangrijkste voorbeeld noemt Ruperti het mortierongeval in Mali op 6 juli 2016. Tijdens een oefening in Kidal kwamen militairen Henry Hoving en Kevin Roggeveld om het leven en raakte een derde militair zwaargewond. De Onderzoeksraad voor Veiligheid concludeerde in 2017 dat Defensie ernstig had gefaald bij de veiligheid van de munitie en de medische zorg. Minister Jeanine Hennis-Plasschaert en Commandant der Strijdkrachten Tom Middendorp traden af, maar de secretaris-generaal bleef aan. Volgens Ruperti werd een ministeriële opdracht door ambtenaren bewust niet uitgevoerd, ondanks een eerdere andersluidende mededeling. Hij noemt dat ambtelijke insubordinatie.
Een reconstructie van Argos meldde eerder dat een door Hennis toegezegd onderzoek naar nalatigheid na haar vertrek werd geschrapt en dat Defensie informatie had achtergehouden. Daarmee is Ruperti’s kritiek volgens het artikel niet volledig op zichzelf gebaseerd. Ook oud-Kamervoorzitter Khadija Arib waarschuwde in 2023 voor topambtenaren die achter de schermen machtsposities innemen en het parlementaire proces beïnvloeden zonder zelf politieke verantwoordelijkheid te dragen.
De Oranjezomer: Raymond Mens stoort zich aan Rob Jetten: 'Laat je zien als het er echt een keer toe doet!'