Stoom uit de oren in het Catshuis: Waarom de onderbuikgevoelens van Arie Slob de scholenmisère niet konden stoppen
In dit artikel:
Voormalig onderwijsminister Arie Slob heeft voor de parlementaire enquêtecommissie erkend dat hij in december 2021 met tegenzin instemde met de derde schoolsluiting tijdens de coronacrisis. Tijdens het verhoor, dat volgens de commissie soms gespannen verliep, kwam naar voren dat de besluitvorming binnen het toenmalige kabinet-Rutte weinig soepel was en dat Slob zich door andere bewindslieden, vooral zorgminister Hugo de Jonge, gepasseerd voelde.
Uit appberichten blijkt dat Slob boos reageerde toen hij merkte dat een volledige sluiting van scholen al in ambtelijke stukken als vaststaand werd gepresenteerd. De Jonge gaf volgens die berichten aan dat hij zou proberen het onderwijsdossier bij Slob te houden, maar dat dit niet helemaal zou lukken. Slob vertelde de commissie dat hij destijds “met buikpijn” akkoord ging en uiteindelijk “geen andere keuze” zag.
De commissie onderzocht ook hoe de maatregel tot stand kwam: eerst mocht Slob niet vanzelfsprekend aansluiten bij de informele Catshuissessies met premier Mark Rutte, waar zonder notulen werd overlegd. Pas later werd hij erbij gehaald. Volgens Slob werd in die gesprekken veel geduwd en getrokken, terwijl de keuze voor schoolsluiting vooral leunde op modellen en inschattingen van het RIVM, niet op harde onderbouwing die hij zelf kon controleren.
Daarnaast wees oud-LAKS-voorzitter Nienke Luijckx tijdens het onderzoek op de gevolgen voor leerlingen. Zij schetste hoe jongeren last kregen van eenzaamheid, angst en eetproblemen door de langdurige isolatie. Daarmee onderstreepten de verhoren opnieuw dat de schoolsluitingen zware mentale schade hebben veroorzaakt, iets wat volgens critici in het beleid destijds te weinig gewicht kreeg.
De Oranjezomer: Michiel Kramer noemt slechtste trainer uit zijn loopbaan: 'Hij kleineerde spelers'