'Stille reserve' in het onderwijs slinkt
In dit artikel:
DUO meldt dat de zogenoemde stille reserve — mensen die bevoegd zijn voor het primair onderwijs (po), voortgezet onderwijs en mbo maar niet voor de klas staan — de afgelopen jaren fors is gekrompen. Vorig jaar telde die reserve nog ongeveer 34.000 in het po en 64.000 in vo/mbo, een daling van respectievelijk 17% en 18% sinds de eerste schatting uit 2017. In oktober was er een tekort van circa 7.900 fte-leraren in het po (met name in de vijf grote steden) en 3.800 in het vo; DUO verwacht dat die tekorten de komende tien jaar toenemen. De afname van de reserve hangt samen met minder afgestudeerden, meer werk in het onderwijs en een groep herintreders, maar de reserve biedt geen structurele oplossing: veel bevoegden kiezen voor werk buiten de klas (onder meer zorg, kinderopvang, hbo of dienstverlening). Jaarlijks keren ongeveer 2.400 po’ers en 1.500 vo/mbo’ers terug; het aantal herintreders in het po is in tien jaar gehalveerd. Herintreders zijn overwegend vrouwelijk (85% po, 61% vo/mbo), in lijn met de huidige personeelsverdeling.