Steun CU en CDA voor boycot Israël is uiting van onverhulde vervangingstheologie

zaterdag, 15 augustus 2026 (19:07) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Een orthodox-joodse auteur, voormalig Tweede Kamerlid en woonachtig in Israël, bekritiseert de steun van het CDA en de ChristenUnie aan een Nederlands handelsverbod tegen goederen uit Israëlische nederzettingen. Het verbod treedt op 22 september in werking. Minister Tom Berendsen (CDA) bevestigde dat invoer, aankoop, verkoop en tussenhandel van deze goederen strafbaar worden. Het gaat om nederzettingen in Judea en Samaria, op de Golanhoogten en in de Joodse wijken van Oost-Jeruzalem, die de Nederlandse politiek als onrechtmatig of illegaal beschouwt.

Volgens de auteur worden hierdoor niet alleen Joodse gemeenschappen geraakt, maar ook christelijke organisaties zoals het Israël Producten Centrum van Christenen voor Israël. Vooral wijn en olijfolie zouden worden getroffen. De schrijver ziet deze producten als symbolen van de Bijbelse beloften over de terugkeer van het Joodse volk naar het land Israël. Hij stelt dat het illegaal verklaren van de nederzettingen uiteindelijk neerkomt op het ontkennen van het bestaansrecht van die gemeenschappen en op het verdrijven van honderdduizenden Joden uit gebieden die hij als de bakermat van de Joodse beschaving beschouwt.

De auteur verwijt CDA en ChristenUnie dat hun officiële afwijzing van de vervangingstheologie — de christelijke opvatting dat de kerk de plaats van het Joodse volk als Gods uitverkoren volk heeft ingenomen — niet strookt met hun politieke handelen. De ChristenUnie spreekt volgens hem wel over een Bijbelse verbondenheid met het Joodse volk en over Israëls bestaansrecht, terwijl Kamerleden als Don Ceder en Mirjam Bikker hun steun aan Israël religieus motiveren. Tegelijkertijd steunen zij volgens de auteur sancties die Joodse gemeenschappen in Bijbelse gebieden onder druk zetten.

Ook wijst hij op Ceders wekelijkse berichten met Bijbelverzen. Daarin zou de politicus psalmen en profetische teksten die oorspronkelijk op Israël of koning David betrekking hebben, op zichzelf toepassen. De auteur beschouwt dat als een vorm van toe-eigening: christenen nemen Israëls religieuze erfgoed over, maar erkennen volgens hem niet de concrete landbeloften en de Joodse soevereiniteit over Judea, Samaria en Jeruzalem.

Verder vindt de schrijver het onvoldoende om Israël uitsluitend als veilige toevlucht tegen antisemitisme te verdedigen. Vanuit orthodox-joods perspectief is de terugkeer naar het Bijbelse land volgens hem geen vluchtelingenproject, maar onderdeel van een goddelijke opdracht en van het herstel van Joodse nationale en geestelijke onafhankelijkheid. Hij stelt dat christelijke solidariteit daardoor selectief wordt: Joden worden beschermd zolang zij als kwetsbare minderheid leven, maar niet wanneer zij als soeverein volk aanspraak maken op hun historische land.

De centrale conclusie van het opiniestuk is dat vervangingstheologie officieel door CDA en ChristenUnie wordt afgewezen, maar volgens de auteur in moderne, politieke vorm voortleeft. Hij noemt het handelsverbod daarom geen neutrale vredesmaatregel, maar economische en ideologische ondermijning van Joodse gemeenschappen.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Johnny de Mol neemt afscheid van De Oranjezomer en bedankt Raymond Mens: 'Beetje verliefd geworden!'