Steeds minder winkels in Randstad: 'Winkelgebieden moeten samenwerken'
In dit artikel:
In de Randstad neemt het aantal winkels sterk af terwijl de bevolking groeit: tussen 2021 en 2025 kromp het winkelbestand met 8 procent, terwijl het aantal inwoners met bijna 4 procent toenam. Dat blijkt uit onderzoek in opdracht van de provincies Utrecht, Zuid‑Holland en Noord‑Holland. Vooral winkelstraten vlak buiten grote steden hebben het moeilijk; grote, karaktervolle binnensteden zoals Amsterdam, Haarlem en Alkmaar blijven juist bezoekers trekken, ook al zijn daar minder winkels dan vroeger.
ABN AMRO‑sectorbankier Henk Hofstede wijst op de invloed van e‑commerce: sinds 2015 zijn er zo’n 23.000 winkels verdwenen, waardoor er vorig jaar nog ongeveer 208.000 overbleven. De krimp is het grootst bij kleding- en elektronicazaken, omdat consumenten die producten makkelijk online vergelijken en kopen. Tegelijk drukken stijgende kosten en inflatie de marges van winkeliers, waardoor investeren in onderscheidend aanbod lastig wordt.
De functie van centrumgebieden verandert: winkels alleen trekken niet meer voldoende publiek; horeca, cultuur en dienstverlening en het belevenisaspect spelen steeds grotere rollen. Toerisme is daarbij belangrijk: ruim 40 procent van de horecaconsumptie in de Randstad komt van toeristen. Supermarkten blijven bovendien stabiel en groeien op veel plekken.
De provincies waarschuwen dat voorzieningen in sommige gebieden onder druk komen te staan en roepen op tot samenwerking tussen gemeenten, ondernemers en vastgoedeigenaren. Hofstede benadrukt dat gezamenlijke initiatieven — gezamenlijke evenementen, pop‑upstores, het terugdringen van leegstand en waar mogelijk transformatie van winkelpanden naar woningen — nodig zijn om te voorkomen dat aanpalende straten een “gatenkaas” van lege panden worden. Hij waarschuwt wel dat transformatie lastig is in de praktijk door veel verschillende eigenaren en gevolgen voor vastgoedwaarden; zonder collectieve aanpak dreigt een winkelgebied langzaam uit te doven.