Aandeel kopers in eigen gemeente daalt, verhuisafstand neemt toe
In dit artikel:
Het Kadaster constateert dat kopers steeds vaker buiten hun eigen gemeente een huis aanschaffen, waardoor lokale kopers minder kansen krijgen. In 2015 kwam 64% van de kopers uit de gemeente waar ze het huis kochten; tegen eind 2025 is dat aandeel gedaald naar 58%. Kopers verhuizen ook verder: vorig jaar lag de gemiddelde afstand op 13,6 kilometer — ongeveer 3 km meer dan tien jaar eerder — met een piek tijdens de coronaperiode (2022) van gemiddeld 16 km.
De toename van de verhuisafstand is het sterkst in het westen van Nederland: daar steeg de afstand van ruim 11 km in 2015 naar 18,5 km in 2025, een regio waar de woningprijzen relatief het hardst stegen. Oudere kopers verhuizen het verst; 55- tot 75-jarigen legden gemiddeld 21 km af en vestigen zich vaak in provincies als Drenthe of Zeeland. Bij bijna 12% van hen lag de nieuwe woning meer dan 50 km van de oude.
Het onderzoek richtte zich ook op concurrentie op de woningmarkt. Volgens het Kadaster is de belangrijkste druk niet zozeer directe concurrentie tussen lokale starters en kopers van buiten, maar een indirecte werking: buitenstaanders kopen vaak woningen die anders door lokale doorstromers waren gekocht. Wanneer die doorstromers elders een woning vinden, komt hun oude woning op de markt — in ongeveer de helft van de gevallen wordt die door een lokale starter gekocht. Dit patroon onderstreept hoe prijsstijgingen en regionale verschillen kopersstromen veranderen en de lokale toegankelijkheid van betaalbare woningen beïnvloeden.
De Oranjezomer: Theo Janssen ziet Oranje-speler basisplek kwijtraken: ‘Daar moet hij voor vrezen!’