Steeds meer methaan lekt uit Siberische permafrost, maar dat meten is steeds lastiger
In dit artikel:
De zomerse uitstoot van methaan uit de Siberische permafrost is tussen 2010 en 2023 verdubbeld. Dat blijkt uit een onderzoek dat vandaag verschijnt in het wetenschappelijke tijdschrift Science. De belangrijkste oorzaak is de opwarming van de aarde, waardoor de bevroren bodem ontdooit. Bacteriën kunnen daardoor grote hoeveelheden plantenresten afbreken en methaan produceren, een broeikasgas dat veel krachtiger is dan CO2 en ongeveer een derde van de opwarming tot nu toe veroorzaakt.
De omstandigheden verschillen per regio. In West-Siberië zijn de bodems warmer en natter geworden, wat de methaanproductie stimuleert. In Oost-Siberië hebben hittegolven en grote natuurbranden de uitstoot versterkt. Volgens hoogleraar Jorien Vonk van de Vrije Universiteit Amsterdam verklaart Siberië daarmee een deel van de wereldwijde methaanstijging, maar niet alles: in recente piekjaren was de regio verantwoordelijk voor ruim 10 procent van de wereldwijde toename. De totale Siberische uitstoot blijft kleiner dan die uit veel andere bronnen, zoals landbouw, afval en olie- en gaswinning, maar heeft wel klimaateffecten.
Onderzoekers waarschuwen dat de metingen in Siberië schaars zijn. Door de afgelegen ligging, de coronapandemie en het verbreken van wetenschappelijke contacten met Rusland na de invasie van Oekraïne is veldwerk sterk afgenomen. Satellieten en kunstmatige intelligentie kunnen helpen, maar moeten worden gecontroleerd met metingen ter plaatse. Daardoor blijft onzeker hoeveel methaan de permafrost in de toekomst nog zal uitstoten. Meer veldonderzoek is volgens wetenschappers dringend nodig om snelle veranderingen tijdig vast te stellen.
De Oranjezomer: Chris Woerts ziet hosanna-stemming bij Ajax: 'De arrogantie is weer toegenomen'