Steeds groter deel van inkomen van inwoners regio Amsterdam gaat op aan woonlasten

donderdag, 12 maart 2026 (13:02) - Het Parool

In dit artikel:

Onderzoek "Wonen in de Metropoolregio Amsterdam" (tweejaarlijks, in opdracht van gemeenten en woningcorporaties) toont dat wonen een steeds groter beslag legt op inkomens van mensen in en rond Amsterdam. De belangrijkste oorzaak is een tekort aan betaalbare woningen voor lage inkomens, waardoor veel huishoudens zijn aangewezen op midden- of dure huurwoningen.

Belangrijkste bevindingen:
- Huurders gaven in 2025 gemiddeld 27% van hun netto-inkomen uit aan alleen de huur (na huurtoeslag). Het aandeel huurders dat door lage inkomens in duurdere huurcategorieën terechtkomt, groeit.
- In de sociale huursector is de betaalbaarheid de afgelopen twee jaar verbeterd: het percentage huurders met een hoge woonquote (minimaal 40% van het inkomen naar woonlasten) daalde van 23% in 2023 naar 16% in 2025. Corporaties zien dit als positief, maar benadrukken dat het tekort aan sociale huurwoningen blijft betekenen dat sommige lage inkomens te duur moeten huren.
- Koopwoningeigenaren betalen na fiscale bijstellingen gemiddeld 16% van hun inkomen aan hypotheeklasten. Huishoudens die in de afgelopen twee jaar een woning kochten, besteden veel meer: gemiddeld 25% van het inkomen en een bruto hypotheeklast van gemiddeld €1.725 per maand — fors hoger dan in 2023. Veel nieuwe kopers maakten gebruik van schenkingen, overwaarde, spaargeld of een familiehypotheek.
- De woonquote (huur of hypotheek minus toeslagen/aftrek, plus energie-, service- en VvE-kosten) laat zien dat in de middenhuur en dure huur het aandeel huishoudens met een hoge woonquote juist licht steeg: circa 30% in de middenhuur en 40% bij dure huur. Onder kopers heeft slechts 6% een hoge woonquote.

Aanbod en ontwikkeling:
- In 2024 kwamen circa 14.000 woningen bij in de metropoolregio — meer dan 2023 maar minder dan in 2021–22. De groei van het aantal huishoudens neemt af; Almere-Lelystad kende de sterkste relatieve toename van woningen en huishoudens.
- De woningvoorraad bestaat bijna voor de helft uit koopwoningen (48%, stijging t.o.v. 2023). Het aandeel particuliere huur bleef op 20%. De eerder zichtbare groei van de particuliere huursector stokte; onderzoekers wijzen op nieuwe verhuurregels en fiscale maatregelen die particulieren minder verleidelijk maken om te verhuren.
- Middenhuur kromp van 7% naar 6% van de voorraad; dure huur bleef rond 10%.

Conclusie: betaalbaarheid verbetert licht in de sociale huursector, maar het structurele tekort aan betaalbare woningen en beperkte bouwproductie houden de druk op lage- en middeninkomens hoog. De onderzoekers impliceren daarmee dat extra sociale bouwproductie en beleidsmaatregelen nodig zijn om de woonlasten voor kwetsbare groepen duurzaam te verlagen.

Auteur: Marc Kruyswijk, verslaggever bij Het Parool.