Britse premier Starmer was goede ambtenaar, maar ongeschikt voor hoogste ambt
In dit artikel:
Keir Starmer stapt na amper twee jaar op als Britse premier, onder druk van Labour en met partijgenoot Andy Burnham als waarschijnlijke opvolger. De aankondiging kwam maandagochtend, vlak voordat Burnham in Westminster als parlementariƫr zou worden ingezworen, en ook precies aan de vooravond van de tiende verjaardag van het EU-referendum van 2016. Starmer kwam in 2024 met een enorme verkiezingswinst aan de macht, maar verloor snel steun: volgens recente YouGov-peilingen oordeelde bijna 70 procent van de Britten negatief over zijn premierschap.
Starmer gold bij zijn aantreden als een degelijke, saaie bestuurder die na jaren van Conservatief bestuur vooral rust moest brengen. In de praktijk werd zijn regering geplaagd door terugkrabbelen op beleid, onder meer rond energiehulp voor ouderen, sociale zekerheid en belastingen. Ook deden meerdere schandalen rond cadeaus en prestigegevoelens zijn imago schade, terwijl de affaire rond de benoeming van de Britse ambassadeur in Washington en de banden met Jeffrey Epstein zijn oordeel verder in twijfel trokken. Hoewel zijn kabinet wel hervormingen doorvoerde, zoals op het gebied van spoorwegen en arbeidsrechten, wist Labour dat nooit overtuigend te verkopen.
Starmer lijkt vooral te struikelen over het verlies van vertrouwen: zelfs binnen zijn eigen partij groeide de druk om hem te laten vertrekken. Burnham heeft inmiddels brede steun, terwijl oud-minister Wes Streeting zich al achter hem schaarde. Starmer kan in theorie nog een plek krijgen in een aankomend kabinet, maar zijn tijd als premier eindigt vooral als het verhaal van een bestuurder die wel serieus werd genomen, maar het hoogste ambt uiteindelijk niet aankon.
De Oranjezomer: Henk ten Cate geeft mening over invalbeurt Memphis Depay: 'Niet iedereen kan goed invallen'