Stalin en Hitler lieten talloze huizen zonder vaders na
In dit artikel:
De auteur betoogt dat oorlog vooral een mannenzaak is en vraagt zich af of conflicten minder bloedig zouden zijn als meer vrouwen strategische posities bekleedden — een idee waar hij tegelijk sceptisch over blijft, gezien de politieke praktijk. Poetin’s invasie van Oekraïne is intussen aan zijn vijfde jaar toe, terwijl de internationale aandacht verschoof naar het Midden-Oosten, waar recente luchtaanvallen het regionale geweld verder aanwakkeren volgens de auteur. Verblind door vijanddenken storten leiders hele bevolkingen in ellende; het resultaat zijn puin, diepe trauma’s en generatieslange nasleep.
Terugblikkend op Heinrich Bölls Huizen zonder vaders tekent de tekst de menselijke tol: na de Tweede Wereldoorlog bleven miljoenen vrouwen en kinderen achter zonder mannen, en in 1959 waren er in de Sovjet-Unie bijna twee keer zoveel vrouwen als mannen door de enorme mannelijke verliezen (minstens 26 miljoen doden). Ook latere tragedies, zoals de val van Srebrenica op 11 juli 1995 — met ongeveer 8.000 vermoorde mannen en jongens — illustreren de blijvende sociale en psychische verwoesting.
De auteur wijst verder op bredere ontwikkelingen: leed wordt als machtsmiddel ingezet (denk aan sabotages van energievoorziening), jongeren verspreiden geweld via video’s en games normaliseren agressie. Tegelijk floreert de wapenindustrie: precisiewapens, autonome systemen en verslechterende ontwapeningsverdragen gaan hand in hand met stijgende defensiebudgetten (wereldwijd circa €2.160 miljard in 2023). De centrale, pijnlijke vraag blijft wat het betekent om een kind zijn vader te ontnemen — en of politieke én maatschappelijke keuzes daaraan iets kunnen veranderen.