Spreidingswet splijtzwam bij debat verkiezingen gemeenteraad
In dit artikel:
De spreidingswet, die gemeenten verplicht asielzoekers te huisvesten, werd het grootste twistpunt in het slotdebat voor de gemeenteraadsverkiezingen. Vanuit vooral grote steden klonken stemmen – ook binnen de VVD – voor een tijdelijke pauze of uitzondering, maar landelijke partijvertegenwoordigers hielden die deur dicht. De Rotterdamse VVD-lijsttrekker Tim Versnel noemde aanvankelijk een uitzondering voor zijn stad en sprak later van een ‘adempauze’, maar VVD-parlementariër Ruben Brekelmans wees dat af en stelde alleen voor dat gemeenten onderling afspraken maken over wie meer asielzoekers of juist meer statushouders opvangt. Brekelmans benadrukte dat het doel moet zijn de instroom te verminderen: „We moeten de spreidingswet zoveel mogelijk overbodig maken.”
D66-fractieleider Jan Paternotte verwierp een pas op de plaats bij een ‘dwangwet’: als alle gemeenten weigeren, bereik je niets en moeten mensen die hier komen wél fatsoenlijk worden opgevangen. PVV-leider Geert Wilders gebruikte de discussie om zijn oproep tot een asielstop te herhalen en zei dat veel mensen ‘het spuugzat’ zijn.
Het onderwerp asiel kwam ook terug bij zorgen over bedreigingen van lokale politici, die vaak oplaaien rond beslissingen over asielzoekerscentra. CDA-leider Henri Bontenbal waarschuwde dat landelijke retoriek lokaal onveiligheid kan aanwakkeren en impliceerde dat Wilders daarvan mede verantwoordelijk is. Lokale afgevaardigden klaagden over landelijke inmenging; Mark de Boer (S!N) riep landelijke politici op óf in die gemeentes te gaan werken, óf zich er niet mee te bemoeien.