Spitfire uit de klei getrokken, Belgische piloot herdacht: 'Hij gaf zijn leven voor de vrede' (premium)
In dit artikel:
Op 3 november 2024 is het precies tachtig jaar geleden dat de Belgische luitenant-vlieger Henri Goldsmit met zijn Spitfire neerstortte op het landgoed Amstelwijck in Dordrecht. Goldsmit, die toen in dienst was van de Royal Air Force, kwam om het leven bij de crash, veroorzaakt door Duits luchtafweergeschut, en werd aanvankelijk in een veldgraf nabij het wrak begraven. De laatste weken zijn de restanten van het vliegtuig, verborgen onder klei, zorgvuldig opgegraven ter voorbereiding van een nieuwbouwwijk.
De bergingsoperatie, onder leiding van defensie, heeft geleid tot de ontsluiting van diverse onderdelen, waaronder een intacte motor en een rubberen overlevingsboot, evenals cockpitonderdelen. Bij de opgraving waren ook nabestaanden van Goldsmit aanwezig om hun eerbetoon te brengen. Zij legden een krans bij een herdenkingsplek waar de propellerhub tijdelijk is opgesteld.
De ontdekking van het vliegtuig kwam pas recentelijk tot stand met behulp van gespecialiseerde zoektechnieken en getuigenissen, waaronder die van Adriaan Visser, die de crash destijds als kind heeft gezien. De exacte locatie was moeilijk te traceren vanwege de ernst van de crash, waarbij grote delen van het vliegtuig verloren gingen of door Duitse troepen werden verwijderd.
De onthulling van de wrakstukken en de herdenking van Goldsmit ontvangen veel belangstelling van omwonenden, en vertonen de blijvende impact van de oorlog op de lokale gemeenschap. De verzamelde restanten worden later naar een defensieterrein in Woensdrecht gebracht voor verder onderzoek. In Nederland zijn er jaarlijks zo’n drie vergelijkbare bergingen in het kader van het project 'Kansrijke vliegtuigbergingen', met als doel de herinnering aan de vele gesneuvelde piloten levend te houden.