Speelaanleidingen in elke straat: naar een openbare ruimte die spelen, ontdekken en bewegen stimuleert
In dit artikel:
De openbare ruimte kan volgens dit artikel veel speel- en kindvriendelijker worden door overal speelaanleidingen toe te voegen: objecten, situaties of opdrachten die kinderen uitnodigen om te bewegen. Dat kan op routes naar school, de supermarkt of het gebedshuis, maar ook op pleinen, stoepen, parken en grasvelden, die zo als informele speelruimte gaan dienen. Het artikel onderscheidt vijf soorten speelaanleidingen. Ten eerste inrichtingselementen, zoals stoepmarkeringen, hinkelpaden, pijlen, cijfers, sprintbanen en verhogingen die tot klimmen en springen aanzetten. Ten tweede zit- en straatmeubilair, dat voor kinderen vaak een speels karakter krijgt doordat het gebruikt kan worden om op te klimmen of vanaf te springen. Ook kunstobjecten kunnen speelwaarde hebben, bijvoorbeeld als ze beklimbaar zijn of meerdere functies hebben. Natuurelementen zoals struiken, bomen en omgevallen stammen bieden ruimte om te verstoppen, hutten te bouwen en te ontdekken. Tot slot kunnen waterelementen veel speelplezier geven, mits kinderen er makkelijk bij kunnen, het water kunnen beïnvloeden en het ondiep en veilig is. De kern van het betoog is dat een speelvriendelijke wijk ontstaat door formele speelplekken en deze losse speelaanleidingen met elkaar te verbinden.
De Oranjezomer: Rutger Castricum doet er na ophef over grappen over 75-plussers nóg een schepje bovenop