Spaced repetition en variabel oefenen in sportcontext
In dit artikel:
Spaced repetition betekent informatie of een vaardigheid met tussenpozen herhalen in plaats van alles achter elkaar trainen (massed repetition). In onderwijsonderzoek levert deze gespreide herhaling duidelijk betere langetermijnretentie op dan opeenvolgende, lange sessies; in de sport is het gebruik ervan nog minder gangbaar, maar wetenschappelijke aanwijzingen spreken in het voordeel van die aanpak.
In sportpraktijk verschijnt het principe als variabel oefenen: sporters wisselen willekeurig tussen vaardigheden (bijv. ABC-BCA-CAB) in plaats van in blokken één techniek te herhalen (AAA-BBB-CCC). Dit veroorzaakt contextuele interferentie (CI): direct presteren gaat vaak slechter dan bij geblokt oefenen, maar op langere termijn is het leerresultaat beter en de overdraagbaarheid naar wedstrijdsituaties groter.
Waarom het werkt is niet volledig uitgeklaard. Twee plausibele verklaringen: gespreide herhaling presenteert informatie in wisselende contexten waardoor ophalen versterkt wordt, en tussenpozen dwingen de leerling eerdere presentaties te reconstrueren, wat het geheugen consolideert. Belangrijk is dat de mate van CI afgestemd moet worden op taakmoeilijkheid en niveau van de sporter: hoge cognitieve belasting helpt meestal, maar te veel variatie bij complexe bewegingen belemmert leren.
Praktische implicatie voor coaches: gebruik variatie om retentie en transfer te bevorderen, maar dosse r de interferentie afhankelijk van de moeilijkheid van de oefening en het vaardigheidsniveau van de sporter.