Spaanse regering gebruikte miljarden euro's uit EU-fondsen voor eigen pensioenen
In dit artikel:
De Spaanse regering gebruikte in 2024 volgens de Rekenkamer 2.389,4 miljoen euro uit EU-herstelgelden om pensioenen te bekostigen. Die middelen kwamen vrij via twee begrotingswijzigingen: op 6 november werd 1.722,1 miljoen euro toegewezen en op 19 november nog eens 667,3 miljoen euro. Het geld was oorspronkelijk bestemd voor programma’s onder het Plan voor Herstel, Transformatie en Veerkracht (PRTR), het onderdeel van het Europese Herstel- en Veerkrachtmechanisme dat investeringen en hervormingen moet financieren.
De financiële dienst van de regering verklaart dat er onvoldoende begrotingskrediet was om onvermijdelijke pensioenverplichtingen en aanvullingen op minimumpensioenen binnen de sociale zekerheid te voldoen, en noemt het gebruikte bedrag een overschot binnen het herstelplan. Volgens die uitleg zouden de doelstellingen van het PRTR en de opnamecapaciteit van het Europese mechanisme niet geschaad zijn. Brussel is echter kritisch op het inzetten van RRF-middelen voor reguliere uitgaven, en de stap kan daarom gevolgen hebben op EU-niveau.
Binnen de Rekenkamer leidde de operatie tot een uitzonderlijke discussie bij de goedkeuring van de Algemene Staatsrekening 2024. Een tegenstemmend lid, Javier Morillas, noemde de handelwijze een ernstige schending en bekritiseerde de regering omdat ze volgens hem het parlement en de bevolking onvoldoende inzicht gaf door geen begrotingswet in te dienen. Ook plaatste hij vraagtekens bij de juridische toelaatbaarheid van de transfers buiten de normale PRTR-structuur.