Songfestivaldirecteur Martin Green: "De Israëlische omroep is meer dan welkom"
In dit artikel:
"De focus moet nu liggen op de 35 landen die deelnemen." Met die woorden zette Songfestivaldirecteur Martin Green bij de openingsceremonie in Wenen de toon voor de 70ste editie van het Eurovisiesongfestival. Terwijl buiten zo'n 10.000 mensen samenkomen om muziek te vieren, wordt de feestvreugde getemperd door het terugtrekken van vijf landen uit protest tegen de deelname van Israël; daarbij werden Spanje, Ierland en Nederland expliciet genoemd.
Green benadrukt dat de organisatie wil dat de afwezige landen terugkeren en dat men in gesprek blijft: de EBU respecteert hun standpunt maar de betrokken omroepen blijven lid. Tegelijk laat hij weten dat de Israëlische omroep KAN "meer dan welkom" is — volgens Green steunde ongeveer 70% van de EBU-leden die keuze. Hij stelt bovendien dat alle deelnemende landen gelijkwaardig worden behandeld en wijst op de terugkeer van drie landen die vorig jaar afwezig waren om financiële redenen: Roemenië, Bulgarije en Moldavië.
Het geschil rond Israël werd niet via een aparte stemming beslecht; in december stemden EBU-leden wel over aanscherping van regels rond televoting en campagnevoeren. Dit seizoen kreeg KAN een berisping omdat de Israëlische artiest in promofilmpjes opriep meerdere keren te stemmen — iets dat volgens Green geen opzetlijke provocatie was en inmiddels als afgedaan beschouwd wordt.
Ook sponsoring speelt een rol in de discussie: de openingsceremonie vindt plaats op een 'Turquoise Carpet', vernoemd naar hoofdsponsor Moroccan Oil, een bedrijf met Israëlische verbindingen. De EBU houdt vol dat sponsors zakelijke partners zijn en geen rol spelen in deelnamebeslissingen.
Wat er gebeurt als Israël het songfestival wint — een scenario dat sommigen als existentiële test voor het festival zien — wil Green niet inhoudelijk bespreken; hij wijst alleen op het basisprincipe dat iedere deelnemer de wedstrijd kan winnen. De EBU kiest voorlopig de koers van doororganiseren en focussen op de verbindende kracht van muziek, terwijl politieke spanningen de achtergrond blijven kleuren.