Snelste editie ooit, Franse deceptie en een nieuwe recordhouder: alles wat je moet onthouden van de 113e Tour
In dit artikel:
De 113e Ronde van Frankrijk leverde opnieuw een reeks opvallende statistieken op. Tadej Pogacar won voor de vijfde keer in zeven jaar de Tour en schaarde zich daarmee naast de grote recordhouders Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault en Miguel Indurain. De 27-jarige Sloveen is wel de jongste ooit die vijf eindzeges behaalt, en met inmiddels 26 ritoverwinningen nadert hij ook het record van Mark Cavendish.
Voor België werd het een zeer succesvolle Tour. Remco Evenepoel reed zijn beste Ronde van Frankrijk ooit en zette zelfs de beste Belgische eindklassering neer sinds Lucien Van Impe in 1981 tweede werd. Bovendien pakten Tim Merlier, Remco Evenepoel en Jasper Philipsen samen zes ritzeges, waarmee België het succesvolste land van deze editie was op dat vlak. Dat is niet uniek, maar wel opmerkelijk: het is al de 36e keer dat Belgische renners minstens zes etappes winnen in één Tour.
Tegelijk was deze Tour historisch zwak voor enkele wielerlanden. Frankrijk, Italië en Spanje bleven zonder ritzege, en dat gebeurde voor Frankrijk pas voor de derde keer ooit. Toch bood het Franse kamp ook hoop: Paul Seixas werd vierde en Lenny Martinez vijfde in het eindklassement, voor het eerst sinds 2014 stonden er weer twee Fransen in de top vijf.
Daarnaast stond deze editie bol van de snelheid. Het gemiddelde van de Tour lag met 43,328 km/u hoger dan ooit, ondanks meer dan 50.000 hoogtemeters. Ook de snelste rit in de Tourgeschiedenis werd gereden, tussen Vichy en Nevers, waar Søren Wærenskjold won aan gemiddeld 50,910 km/u. Het was bovendien de kortste naoorlogse Tour qua afstand, met 3245 kilometer.
De Oranjezomer: Directeur ANWB Alarmcentrale adviseert toekomstige vakantiegangers: 'Dat is belangrijk!'