SLAGER VAN TEHERAN BEKENT: Khamenei geeft toe dat er 'duizenden doden' zijn gevallen, maar geeft Trump de schuld

zaterdag, 17 januari 2026 (19:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

De Iraanse Opperste Leider ayatollah Ali Khamenei heeft in een recente televisietoespraak voor het eerst toegegeven dat er duizenden doden zijn gevallen sinds het uitbreken van de massale volksopstand in Iran. Mensenrechtenorganisaties schatten het aantal slachtoffers op ruim 3.000. Volgens de schrijver van het opiniestuk probeert het regime jarenlang cijfers te verbergen, het internet af te sluiten en de wereld te misleiden, maar de omvang van het geweld — onder andere in Teheran, Isfahan en Shiraz — dwingt Khamenei nu tot een openbare erkenning.

Wat begon als protesten tegen stijgende prijzen, is volgens de auteur uitgegroeid tot een bredere opstand tegen de theocratische onderdrukking. De regering wijst externe vijanden aan; Khamenei beschuldigde de Verenigde Staten en Israël en noemde president Donald Trump rechtstreeks betrokken. De columnist presenteert die verwijten als afleidingsmanoeuvres en legt de verantwoordelijkheid voor het geweld bij het regime en de Revolutionaire Garde, die volgens getuigen en activisten op betogers heeft geschoten en het internet heeft afgesloten om beelden en berichtgeving te blokkeren.

In meerdere westerse landen — onder meer Zwitserland, het Verenigd Koninkrijk, Italië en Nederland (Den Haag) — kwamen gevluchte Iraniërs in actie en toonden steun voor Reza Pahlavi, de zoon van de in 1979 afgezetten sjah, met signalen van nostalgie voor de vroegere monarchie en de pre-revolutionaire vlag. Die beweging vormt volgens de auteur een existentiële bedreiging voor Khamenei omdat ze hernieuwd verlangen naar een ander Iran weerspiegelt.

De columnist waarschuwt tegen westerse militaire interventie en pleit in plaats daarvan voor morele steun aan de Iraniërs, strengere isolatie van het regime, stopzetting van financiële en diplomatieke betrekkingen en ondersteuning van onafhankelijke media. Het stuk sluit af met de hoop dat binnenlandse druk het bewind zal doen wankelen en dat de duizenden doden als martelaars kunnen staan voor een vrijer Iran.