Silvia is slachtoffer van intieme terreur, haar ex werd veroordeeld
In dit artikel:
Silvia* draagt nog steeds een klein zwart alarmknopje bij zich. Haar ex, met wie ze bijna twintig jaar samen was en een kind heeft, is inmiddels strafrechtelijk veroordeeld: een voorwaardelijke gevangenisstraf, taakstraf, geldboete, reclasseringstoezicht en een langdurig contact- en locatieverbod. Toch voelt zij zich nog niet veilig en vertelt anoniem over jarenlange intieme terreur: stelselmatige controle, dreiging en het stelselmatig verleggen van grenzen waarvan thuis weinig te zien was omdat haar ex in gezelschap vriendelijk en charismatisch kon overkomen.
De situatie escaleerde zodanig dat ze twee maanden ondergedoken zat. Op een moment dat ze, volgens advies van instanties, toch naar buiten ging naar een plek waarvan ze dacht dat hij daar niet zou komen, kwamen ze elkaar onverwacht tegen. Hij dreef haar in een hoek, schreeuwde dat hij haar "af zou maken" en maakte snijbewegingen langs zijn keel. Silvia drukte op haar noodknop; de meldkamer werd ingeschakeld, maar de dader was bij aankomst van de politie verdwenen. Die gebeurtenis leverde wel bewijs op: haar logboek met appjes en foto’s, camerabeelden en getuigenverklaringen maakten het mogelijk dat de zaak snel via snelrecht voor de rechter kwam en haar ex werd veroordeeld.
Haar verhaal illustreert hoe moeilijk het is om huiselijk geweld en vooral psychische intimidatie juridisch te vatten. Volgens het CBS zijn in Nederland circa 1,3 miljoen mensen slachtoffer van fysiek of psychisch geweld, maar veel incidenten worden nooit gemeld of leiden niet tot vervolging. Lector Janine Janssen wijst erop dat slechts een fractie van gevallen formeel bekend wordt en nog minder vaak bij de rechter terechtkomt; schroom, angst en gebrek aan bewijs spelen een rol. Advocaat Ingrid Vledder benadrukt dat controlerend en isolerend gedrag dat kenmerkend is voor intieme terreur vaak niet als strafbaar geldt, waardoor slachtoffers soms hopen op fysieke bedreigingen omdat die makkelijker bewijs opleveren.
Silvia noemt ook de wirwar aan betrokken instanties problematisch: verschillende en soms tegenstrijdige adviezen scheppen onzekerheid. Ze vluchtte heimelijk en belandde met haar kind in een noodopvang, terwijl de dader thuis bleef — een situatie die zij als “de omgekeerde wereld” ervaart. Daarnaast bemoeilijken regels zoals de AVG het uitwisselen van informatie: locatieverboden kunnen gegevens vrijgeven, maar het is lastiger voor slachtoffers zelf om bijvoorbeeld woonplaatsen van de dader te achterhalen om gevaar te vermijden.
Het kabinet wil dit probleem aanpakken door straf- en familierecht dichter bij elkaar te brengen, psychisch geweld strafbaar te stellen en Clare’s Law in te voeren (waardoor je kunt navragen of een partner een gewelddadig verleden heeft). Deskundigen waarschuwen echter dat zulke maatregelen weinig opleveren zonder voldoende veroordelingen en heldere uitvoeringsregels. Silvia’s ervaring laat zien dat juridische stappen mogelijk zijn, maar dat bescherming en samenhang tussen systemen vaak tekortschieten, waardoor slachtoffers langdurig kwetsbaar blijven.
*Naam bij de redactie bekend.