Senaat stemt in met verbod op 'homogenezing'
In dit artikel:
De Eerste Kamer heeft een verbod aangenomen op zogeheten conversiehandelingen: het stelselmatig en op indringende wijze proberen te veranderen van iemands seksuele gerichtheid of genderidentiteit is strafbaar geworden. De wet, die geldt vooral wanneer dergelijke handelingen namens een organisatie of vanuit een ambt bij minderjarigen of bij meerderjarigen in een afhankelijkheidsrelatie plaatsvinden, kan leiden tot een boete tot €27.500 of maximaal twee jaar gevangenisstraf. In de stemming kregen de initiatiefnemers — onder meer GroenLinks-PvdA, VVD, D66, SP en Partij voor de Dieren — steun in de Senaat; 57 senatoren stemden voor, 15 tegen. ChristenUnie stemde verdeeld: Eric Holterhues voor, Tineke Huizinga en Hendrik‑Jan Talsma tegen. Een door SGP-senator Peter Schalk ingediende motie om de wet opnieuw aan de Raad van State voor te leggen kreeg geen meerderheid.
De wet kent een moeizame voorgeschiedenis. De Raad van State waarschuwde eerder voor onduidelijkheid over de formulering, de noodzaak en de handhaafbaarheid en stelde dat de meerwaarde van strafbaarstelling niet duidelijk was. Om politieke steun te vergroten werden de toevoegingen “stelselmatig” en “op indringende wijze” ingevoegd, waardoor partijen zoals BBB over de streep konden worden getrokken. In de Eerste Kamer probeerden voorstanders, onder wie Wieke Paulusma (D66) en Bente Becker (VVD), de resterende zorgen te pareren en te benadrukken dat pastorale of informele gesprekken niet de bedoeling zijn van het verbod.
Tegenstanders — met name SGP en enkele BBB-senatoren — vreesden dat de nieuwe termen te vaag zijn en bijvoorbeeld pastorale gesprekken of hulp van mentoren en ouders onterecht in het vizier kunnen brengen. Schalk stelde dat de wet kwetsbare jongeren in de kou laat staan en uitte zorgen over de beschikbaarheid van religieuze hulpverlening voor minderjarigen die worstelen met genderidentiteit. Binnen kerkelijke kring riepen organisaties als Bijbels Beraad Man/Vrouw en aanverwante groepen hun achterban op in verzet te komen en voorbede te doen.