Schreeuwend dure WK-tickets, maar niet voor Gert uit Stadskanaal: 'Nog nooit zulke goedkope kaartjes gehad'
In dit artikel:
Gert Grimmius (73) uit Stadskanaal laat zich door torenhoge ticketprijzen niet weerhouden: hij reist in juni en juli naar alle WK-wedstrijden van Oranje in de VS, Canada en Mexico. „Ja, ik ga naar alle wedstrijden toe,” zegt hij, en hij heeft negen kaarten gekocht (inclusief de wedstrijd om plek drie), maar niet tegen de regulier hoge tarieven. Dankzij een FIFA-regeling voor trouwste supporters behoorde hij tot de ongeveer 300 mensen die sterk afgeprijsde plaatsen kregen — iets meer dan 50 euro per wedstrijd, in totaal 465 euro voor zijn negen tickets.
Normale verkoopprijzen noemt Grimmius absurd en vermoedt machtsmisbruik in de ticketmarkt; hij verwacht dat dat mogelijk invloed heeft op de bezetting van de stadions. Zijn plekken zijn vrij bovenin, maar hij hoopt bij tegenvallende opkomst alsnog een betere plek te bemachtigen. De benodigde reis- en toelatingsformulieren waren volgens hem intensief, maar hij regelde alles al in november.
FIFA-voorzitter Gianni Infantino wijt de prijsstijgingen vooral aan gigantische vraag: naar eigen zeggen waren er ruim 500 miljoen aanvragen, zo’n tien keer meer dan bij de twee vorige toernooien. Dat weerspiegelt zich in extreem hoge topprijzen — waar de finale in Qatar 2022 maximaal rond 1.360 euro kostte, ligt de hoogstgeprijsde kaart voor 19 juli 2026 op ongeveer 9.300 euro. Amerikaanse regelgeving staat doorverkoop boven de face value toe; op de officiële doorverkoopsite werden recent vier finale-tickets aangeboden voor 1,7 miljoen euro per stuk. Europese consumentenorganisaties hebben daarop een klacht ingediend bij de Europese Commissie vanwege wat zij noemen buitensporige prijzen en oneerlijke voorwaarden.