Schijf van Vijf is vernieuwd: minder vlees en meer nadruk op duurzaamheid
In dit artikel:
Het Voedingscentrum heeft de Schijf van Vijf ingrijpend aangepast: voor het eerst in tien jaar zijn de richtlijnen vernieuwd met meer aandacht voor duurzaamheid en voedselveiligheid, op basis van recente wetenschappelijke inzichten en berekeningen (onder andere door het RIVM). De vijf vakken van de schijf blijven bestaan, maar vooral het eiwitvak is herzien.
Belangrijkste veranderingen: volwassen worden nu geadviseerd maximaal 300 gram vlees per week te eten, waarvan hooguit 100 gram rood vlees (rund- of varkensvlees). Dat is een flinke verlaging ten opzichte van de vorige norm (500 gram vlees, waarvan 300 gram rood). Tegelijk wordt het gebruik van plantaardige eiwitten, zoals peulvruchten, sterk aangemoedigd; de aanbevolen hoeveelheid stijgt naar ongeveer 250 gram per week. Ook is het advies voor kaas verlaagd van circa 40 gram naar 20 gram per dag, en wordt vaker kiezen voor plantaardige zuivelalternatieven voorgesteld.
De aanpassing is deels ingegeven door milieuoverwegingen: de productie van rood vlees levert relatief veel broeikasgassen en waterverbruik op. Nieuw is dat voedselveiligheid expliciet is meegenomen; er is gekeken naar blootstelling aan stoffen zoals PFAS. Volgens het Voedingscentrum blijven mensen die volgens de schijf eten meestal onder veilige grenzen, maar soms zijn afwegingen nodig (bijvoorbeeld bij vis: gezondheidsvoordelen versus hogere PFAS-waarden).
Het centrum benadrukt dat ook overheid, producenten en supermarkten een rol moeten spelen om consumenten te helpen gezonder en duurzamer te eten.