Schaatssters hebben vrede met zilver, bondscoach niet echt: 'Canada was beter'
In dit artikel:
De Nederlandse vrouwenploegachtervolging — Joy Beune, Marijke Groenewoud en Antoinette Rijpma‑de Jong — veroverde op de Winterspelen in Milaan zilver nadat Canada in de olympische finale 0,96 seconden sneller bleek. Als regerend wereldkampioen waren de Nederlanders vooraf tot de favorieten gerekend, maar op de beslissende dag was Canada simpelweg sterker en gaf het Nederlandse trio in de slotronden het minste toe.
De weken in Italië toonden al dat de vorm niet optimaal was: Nederland kwalificeerde zich in de kwartfinales slechts als derde en ontsnapte in de halve finales ternauwernood tegen Japan, waar Miho Takagi in de eindfase bijna roet in het eten gooide. Die inspanningen leken energie te kosten voor de eindstrijd: na een sterke start kwamen de Canadese vrouwen genadeloos terug en namen de leiding in de slotfase.
Beune omschreef de eindstrijd als “strijdend gingen we ten onder”; Groenewoud en Rijpma‑de Jong benadrukten dat het team alles heeft gegeven en dat zilver het maximale resultaat was op die dag. Bondscoach Rintje Ritsma toonde gemengde gevoelens: teleurgesteld omdat winnen het doel was, maar ook trots dat de ploeg gestreden heeft en met een medaille terugkeert. Zilver is bovendien een verbetering ten opzichte van de bronzen plak in 2022, toen hetzelfde Canadese trio goud pakte.
Voor Beune zijn de Spelen hiermee voorbij; Rijpma‑de Jong en Groenewoud komen later nog in actie op de 1.500 meter. Ondanks de kater over het net misgelopen goud, biedt de zilveren medaille bevestiging dat het Nederlandse trio tot de wereldtop behoort.
Vandaag Inside: Wilfred Genee gaat In de Wandelgangen verder in op podcast met Jaimie Vaes: 'Dan verbaast me dat'