Santander moet klanten €4.687,89 terugbetalen: zij betaalden te veel rente op hun lening

zondag, 4 oktober 2026 (20:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Kifid heeft bepaald dat twee klanten van Santander €4.687,89 aan te veel betaalde rente terugkrijgen, vermeerderd met wettelijke rente. Het ging om een krediet met variabele rente. Volgens de voorwaarden mochten de klanten verwachten dat hun rente de ontwikkeling van de marktrente zou volgen. Santander moet het bedrag binnen vier weken na verzending van de bindende uitspraak van 21 september 2026 betalen, met rente vanaf 20 mei 2026.

Kifid paste zijn bestaande rekenmethode toe. Hoewel Santander die methode betwistte, maakte de kredietverstrekker op verzoek wel een berekening volgens die aanpak. De uitspraak betekent niet dat iedere klant van Santander of een andere aanbieder recht heeft op dezelfde vergoeding. Per lening moet worden bekeken wat in de overeenkomst en voorwaarden over renteaanpassingen staat en hoe de werkelijk berekende rente zich daartoe verhield.

Dat blijkt ook uit een andere Santander-uitspraak van dezelfde dag. Bij twee kredieten van dezelfde consumenten leidde de berekening bij één lening tot €659,68 te veel betaalde rente, terwijl bij de andere lening geen tekortkoming werd vastgesteld. Kifid wees alleen de terugbetaling van €659,68 toe, met wettelijke rente vanaf 17 april 2026.

Leningnemers die hun rente willen laten controleren, doen er goed aan hun kredietovereenkomst, voorwaarden, rentewijzigingen en betaaloverzichten te verzamelen. Een hoge maandtermijn of een vergelijking met een nieuwe lening is op zichzelf geen bewijs van te veel betaalde rente; een gerichte berekening en het juiste contractnummer zijn nodig. Ontbrekende stukken kunnen bij de kredietverstrekker worden opgevraagd. Wie er niet uitkomt, kan nagaan of een klacht bij Kifid mogelijk is en daarbij letten op termijnen en het verschil tussen bindend en niet-bindend advies.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Noa Lang was dicht bij terugkeer naar Eredivisie-club: 'Dat weet iedereen toch...'