Samen belastingaangifte gedaan en huurtoeslag kwijtgeraakt? Soms is herstel nog mogelijk

donderdag, 24 september 2026 (10:52) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

Wie gedurende een deel van het jaar toeslagpartners was, maar voor de inkomstenbelasting koos voor partnerschap over het hele jaar, kan onverwacht huurtoeslag moeten terugbetalen. Bij een gezamenlijke belastingaangifte mogen partners bepaalde inkomsten, aftrekposten en bezittingen onderling verdelen. Een verdeling die fiscaal voordelig is, kan er echter voor zorgen dat bij één partner te veel vermogen wordt meegerekend voor de huurtoeslag. Het gezamenlijke vermogen hoeft daarvoor niet te zijn toegenomen.

Wie met deze situatie te maken heeft, moet eerst controleren waarom de toeslag is teruggevorderd. Gaat het om inkomen, dan biedt een aanpassing van alleen de vermogensverdeling geen oplossing. Gaat het wel om vermogen, controleer dan de aangifte, de belastingaanslag en de definitieve toeslagberekening. Mogelijk kan de aangifte nog worden gewijzigd of kan bezwaar worden gemaakt tegen de belastingaanslag.

Ook als de bezwaartermijn voor die aanslag voorbij is, kan voor deze specifieke situatie een herstelroute bestaan. Dienst Toeslagen kan het vermogen voor de huurtoeslag anders over beide partners verdelen. De inkomstenbelastingaangifte verandert daardoor niet, maar de definitieve huurtoeslag kan wel worden herzien. Deze mogelijkheid geldt voor toeslagjaren vanaf 2021 en is geen algemene regeling voor mensen met te veel spaargeld. Voor zorgtoeslag en kindgebonden budget geldt deze route niet.

De aanvraag moet per brief worden gedaan. Vermeld dat om herziening wordt gevraagd, voeg het beschikkingsnummer toe en beschrijf het betreffende jaar, de terugvordering en de gewenste vermogensverdeling. Naam, adres, burgerservicenummer, telefoonnummer en datum moeten eveneens in de brief staan. Volgens Dienst Toeslagen zijn geen bijlagen nodig, maar een kopie en verzendbewijs bewaren is verstandig.

Doorgaans kan herziening tot vijf jaar na afloop van het toeslagjaar worden gevraagd; bij een laat vastgestelde berekening kan een aanvullende termijn gelden. Bij een recente beschikking blijft de gewone bezwaartermijn van zes weken belangrijk. Een herzieningsverzoek schort een betalingsverplichting niet automatisch op, dus betalingsmogelijkheden moeten zo nodig apart worden besproken.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee gaat er plotseling vandoor In de Wandelgangen: 'Dááááág!'