'Rutte verliest vrienden. In Europa én in Amerika', zegt oud-ambassadeur van de NAVO
In dit artikel:
Ivo Daalder waarschuwt dat de verhoudingen tussen de VS en Europa binnen de NAVO ernstig verstoord zijn: onder Trump zien de Amerikanen Europese veiligheid niet langer als integraal voor hun eigen veiligheid, waardoor het fundament van Atlantische samenwerking is beschadigd. Daalder sprak deze week tijdens de Next Gen Veiligheidsconferentie in het Vredespaleis in Den Haag; hij is Nederlands geboren, werkte in Washington onder Clinton en was Obama’s ambassadeur bij de NAVO (2009–2013).
De breuk kwam recent duidelijk naar voren rond de Amerikaanse militaire acties tegen Iran: vijf belangrijke Europese bondgenoten (Spanje, Italië, Frankrijk, het VK en Polen) legden beperkingen op aan Amerikaans gebruik van luchtruim, bases of materieel, en Duitsland uitte openlijke kritiek. Volgens Daalder gaf die tegenwerking Trump het argument dat “de NAVO tegen ons is”, waarna de VS stappen namen zoals het terugtrekken van circa 5.000 militairen uit Duitsland en het schrappen van kruisraketstationeringen. Ook is er verwarring ontstaan rond verplaatsingen van troepen naar Polen, deels verspreid via tweets.
Daalder signaleert dat de VS hun concrete bijdrage aan het NATO Force Model verminderen — juist nu de inzetbaarheidseisen zijn opgevoerd na de grote Russische invasie van Oekraïne (het snel inzetbare contingent werd verdrievoudigd). Volgens rapporten verdwijnen ook marineschepen en strategische bommenwerpers uit Europa. Deze eenzijdige, soms antagonistische verminderingen (tit‑for‑tat) ondermijnen zowel politieke samenhang als militaire coördinatie: Europa vult de ontstane gaten onvoldoende snel op.
Hij legt scherpe verantwoordelijkheid bij Europese leiders en bij NAVO-secretaris‑generaal Mark Rutte. Europa heeft volgens Daalder te lang afgewacht en telkens de VS gevraagd wat zij zouden doen, in plaats van proactief te zeggen: “dit zijn onze bijdragen, zodat de VS minder hoeven te doen.” Een voorgestelde Europese roadmap (door Duitse minister Pistorius) werd afgewezen door bondgenoten, inclusief Nederland en de NAVO‑top, terwijl Daalder vindt dat juist zo’n duidelijke Europese pijler nodig is. Rutte’s eerdere strategie van het loven van Trump hielp aanvankelijk politieke outreach, maar sloeg later terug en kostte hem vrienden binnen Europa en in de VS.
Tegelijk erkent Daalder dat Europa wel degelijk in beweging is: hogere defensiebudgetten, nieuwe vormen van dienstplicht en aanschaf van wapens. Maar de omslag van de VS — van “jullie doen dit, wij doen dat” naar “wij doen dit, jullie doen de rest” — gebeurde snel en grotendeels zonder Europese afstemming, wat de coördinatie van de burden shift bemoeilijkt.
Over de vraag of Europa zonder de VS de NAVO kan laten voortbestaan, is Daalder realistisch pessimistisch: het Atlantische bouwwerk is decennialang op Amerikaanse “botten” en dna gebouwd; het weghalen daarvan doet het fundament wankelen. De oplossing is volgens hem dat Europa concreet en snel laat zien wat het gaat doen en met welke tijdlijn, zodat de NAVO daadwerkelijk een sterkere Europese pijler krijgt. Hij waarschuwt ook dat kwesties als de NAVO‑toetreding van Oekraïne niet mogen worden weggedrukt — EU‑lidmaatschap is geen gelijkwaardig alternatief voor veiligheidsgaranties binnen de NAVO.