Ruim 40 procent scholieren ziet lhbtq's niet als gelijkwaardig aan hetero's

donderdag, 26 maart 2026 (18:17) - Het Parool

In dit artikel:

Onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam, onder leiding van promovendus Nikki Dekker, vonden in een grootschalige enquête onder ruim 30.000 Nederlandse middelbare scholieren (gegevens verzameld tussen 2021 en 2024) zorgwekkende houdingen ten opzichte van lhbtq+-personen. Circa 41% van de respondenten vindt mensen met een andere seksuele oriëntatie niet gelijkwaardig aan heteroseksuelen, en 35% stelt dat je niet zelf mag bepalen op wie je verliefd wordt.

Het onderzoek laat zien dat opvattingen sterk variëren: veel jongeren zijn terughoudend ten aanzien van zichtbare maatregelen voor genderdiversiteit (bijna twee derde is tegen het idee dat minstens de helft van de schooltoiletten genderneutraal moet zijn) en minder dan een derde wil dat Paarse Vrijdag op alle scholen gevierd wordt. Volgens Dekker zijn die meningsverschillen minder alarmerend dan het feit dat grote groepen jongeren basisprincipes zoals gelijkwaardigheid niet onderschrijven — iets wat botst met de wettelijke burgerschapsopdracht van het onderwijs.

De studie zoekt ook naar verklarende factoren. In tegenstelling tot het beeld dat vooral jongeren met een migratieachtergrond conservatief zouden zijn, blijken achtergrondkenmerken vooral in combinatie met andere factoren van invloed. Religie hangt samen met behoudendere opvattingen; geslacht is een duidelijke voorspeller: jongens scoren over het algemeen conservatiever dan meisjes. De onderzoekers troffen in hun dataset geen duidelijke daling van lhbtq+-acceptatie tussen 2021 en 2024, terwijl eerder onderzoek van de GGD een sterke terugval signaleerde (een daling van 63% naar 42% in het aandeel jongeren dat relaties tussen twee mannen of twee vrouwen ‘normaal’ vond tussen 2021 en 2023), wat in Den Haag aanleiding gaf tot aanvullend onderzoek.

Aanbevelingen zijn onder meer: betere monitoring van trends, meer onderzoek naar oorzaken (onder meer de rol van de manosfeer op sociale media, waarover een vervolgstudie gepland staat voor 2027) en overheidsbeleid dat scholen ondersteunt — bijvoorbeeld door docenten te trainen in het voeren van gesprekken over seksuele diversiteit en duidelijkere vereisten in de wettelijke schooltaak.