Rotterdamse proef met 'kinderadvocaten' wekt interesse: 'Stem kind beter gehoord'
In dit artikel:
De Rechtbank Rotterdam werkt sinds begin dit jaar met een vaste werkwijze waarbij kinderen die geen contact hebben met één of beide ouders meteen een bijzondere curator — een soort kinderadvocaat — krijgen toegewezen. Rechter Eelco Moerman, die de aanpak ondersteunt, zegt dat kinderen hierdoor veel eerder en duidelijker in beeld komen: "We merken dat op deze manier kinderen veel eerder en duidelijker worden gehoord."
Hoe het werkt: zodra in een zaak blijkt dat er geen contact is, wordt direct een bijzondere curator benoemd. Die voert individuele gesprekken met het kind, de ouders en eventuele betrokkenen, en stelt een rapport op dat al bij de eerste zitting besproken kan worden. Doel is snel helder te krijgen wat er in het verleden is gebeurd en welke mogelijkheden er zijn voor vervolg, zodat de zitting niet meer begint met een lange periode van onzekerheid.
De proef startte in april 2024 en omvatte bijna vijftig zaken; rechtbankjuristen rapporteerden de resultaten in het vakblad Relatierecht en Praktijk. Volgens Moerman leidde de aanpak tot snellere afhandeling van zaken en tot een duidelijkere inbreng van het kind tijdens de rechtszitting. De curator heeft meer tijd en ruimte om het kind te spreken — vaak in een ontspannen omgeving buiten de rechtbank — waardoor diens verhaal dieper en vollediger wordt vastgelegd dan in een kort zittingsgesprek.
De werkwijze blijkt ook bij complexere dossiers van meerwaarde. Zaken draaien vaak om problemen als verslaving, huiselijk geweld of langdurige ruzies tussen gescheiden ouders; in zulke gevallen bracht de curator zaken snel in kaart en gaf ouders vaker inzicht in hun eigen rol, ook wanneer contactherstel onhaalbaar bleek. In een genoemd voorbeeld had een vader zes jaar geen contact met zijn dochter; na individuele gesprekken en een gezamenlijk overleg bevestigde de situatie dat herstel niet mogelijk was, maar het rapport gaf de betrokkenen wel duidelijkheid en afwikkeling.
Moerman hoopt dat andere rechtbanken het model overnemen, maar benadrukt dat lokale omstandigheden — zoals wachttijden, het aantal beschikbare kinderadvocaten en de snelheid van hulpverlening — kunnen bepalen of het elders even goed werkt. Er is inmiddels wel belangstelling vanuit andere rechtbanken om de aanpak te verkennen.
Kortom: de Rotterdamse proef met directe aanstelling van bijzondere curatoren verschaft kinderen en ouders sneller duidelijkheid, maakt de stem van het kind concreter in procedures en lijkt vooral bij complexe familiestukken toegevoegde waarde te bieden.