Rol NCTV in coronacrisis: veel meer dan een brievenbus of oliemannetje

maandag, 8 juni 2026 (06:13) - NineForNews.nl

In dit artikel:

Afgelopen vrijdag stond Pieter‑Jaap Aalbersberg, voormalig Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV), ruim twee uur onder ede in de parlementaire enquête naar de coronaperiode. Hij presenteerde zichzelf consequent als neutrale facilitator en verbindingsschakel tussen bestuurlijke gremia. De commissie nam die voorstelling grotendeels voor waar aan en voerde het verhoor op een opvallend beleefde toon, zonder door te vragen op enkele kernpunten.

Tegelijkertijd wijzen vrijgegeven documenten en mediaberichten op een veel actievere rol van de NCTV dan aangedrongen. De NOS meldde dat Aalbersberg toespraken van premier Rutte inzag vóór publicatie, en vrijgegeven WhatsApp‑berichten tonen dat hij samen met topambtenaren formuleringen opstelde die ministers later in debatten gebruikten. Een Woo‑document van november 2020 laat zien dat toenmalig minister Hugo de Jonge expliciet vroeg hoe de NCTV een adviesaanvraag aan het OMT zou formuleren; ambtenaren gingen daarna op zoek naar wetenschappelijke argumenten ter onderbouwing van al genomen politieke besluiten, bijvoorbeeld rond mondkapjes. Kortom: wetenschap werd soms achteraf ingezet als legitimatie, niet per se als aanzet voor beleid. Deze mechanismen kwamen in het verhoor niet wezenlijk aan de orde.

Eveneens vrijwel onbesproken bleef de Europese dimensie. Op 1 maart 2020 activeerde de Europese Commissie het IPCR‑mechanisme; Nederland was daarin vertegenwoordigd door de NCTV. Vragen daarover van Kamerleden bleven onbeantwoord en in het verhoor viel het woord IPCR niet. Daardoor ontbreekt inzicht in hoe EU‑afstemming mede leidde tot nationale maatregelen.

Kritische stemmen, zoals huisarts Els van Veen, leggen de nadruk op de concrete gevolgen: schoolsluitingen, isolatie van ouderen, avondklok en sterke vaccinatiepraat werden volgens haar mede door de NCTV gestuurd. Opvallend is ook dat in eerdere verhoren de NCTV vrijwel niet genoemd werd, ondanks Aalbersbergs claim de centrale coördinator te zijn.

De hoofdvraag blijft: wie wordt verantwoordelijk gehouden wanneer een coördinator zich als neutrale “brievenbus” kan presenteren terwijl interne documenten en contacten een veel bepalender rol suggereren? De commissie zal medewerkers en de Europese verstrengeling structureel moeten onderzoeken om de rol van de NCTV volledig te doorgronden.