Roelof Salomons: na jaren van onderhandelen is de pensioenhervorming realiteit, eindelijk

maandag, 5 januari 2026 (20:08) - De Telegraaf

In dit artikel:

Per 1 januari zijn opnieuw 24 pensioenfondsen overgestapt naar het nieuwe pensioenstelsel; in totaal zijn nu dertig fondsen om, goed voor ongeveer een derde van het belegde vermogen. Ruim de helft van alle Nederlanders zit inmiddels helemaal of gedeeltelijk in het nieuwe systeem. Na jaren van onderhandelen is de hervorming daarmee een feit, maar de discussies erover zijn nog lang niet voorbij — en dat is volgens de columnist juist wenselijk.

De kernvraag waarom hervorming nodig was draait om drie elementen: premie, risico en ambitie. In het oude stelsel werden toezeggingen gedaan die steeds duurder werden door hogere levensverwachting en een sterk gedaalde rekenrente (de disconteringsvoet waarmee toekomstige verplichtingen worden gewaardeerd). Meer premie betalen of intensiever gokken op rendement bood op den duur geen houdbare oplossing. Belangrijk om te beseffen: ongeveer zeventig procent van het pensioenvermogen bestaat uit beleggingsrendement; sparen en beleggen zijn dus cruciaal om pensioenen te kunnen betalen.

Een centraal gevolg van de overgang is een verschuiving van vaste beloftes naar wat financieel haalbaar is: risico’s en rendementen worden explicieter. Dat maakt eindeloze discussies over de rekenrente overbodig en haalt de illusie weg dat zekerheid gratis is — minder schommeling betekent een prijs. Tegelijk roept dit nieuwe spanningen op: behoud van koopkracht vereist dat ook gepensioneerden in zekere mate risico dragen, omdat inflatie anders hun uitkering aantast. Voor jongere deelnemers is hogere risicobereidheid realistischer; zij kunnen meer in aandelen, vastgoed en infrastructuur beleggen, categorieën die op lange termijn doorgaans beter presteren dan inflatie.

De columnist (Roelof Salomons, chief investment strategist bij BlackRock Nederland) benadrukt dat communicatie en uitleg nu belangrijker zijn dan ooit. Pensioen leeft bij het publiek en de maatschappelijke discussie over koopkracht, risicodeling en de prijs van zekerheid zal blijven doorlopen na de formele invoering van het nieuwe stelsel.