Riet (92) sliep in een grot in Palestijns gebied, omringd door Israëlische nederzettingen: 'Ze hadden me nodig als menselijk schild'

vrijdag, 8 augustus 2025 (18:28) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Riet Bons‑Storm (92), voormalig hoogleraar Vrouwenstudies en Pastoraat aan de RUG, vierde dit jaar haar verjaardag niet in Loppersum maar op de Westelijke Jordaanoever. Dit voorjaar reisde ze met twee vrienden naar de boerderij van de christelijk‑Palestijnse familie Nassar bij Bethlehem, beter bekend als Tent of Nations, om als vrijwilliger en als fysieke aanwezigheid steun te bieden in een gebied waar spanning en geweld toenemen.

De familie Nassar bezit het terrein sinds 1916, maar Israël erkent dat eigendom niet en sinds meer dan twintig jaar lopen juridische procedures. De boerderij ligt in Zone C, het door Israël gecontroleerde deel van de Westoever, en is inmiddels omsingeld door meerdere Israëlische nederzettingen. Daardoor is een deel van het land voor de familie praktisch onbereikbaar uit angst voor aanvallen door kolonisten; sinds het uitbreken van de oorlog in Gaza zijn die incidenten volgens mensenrechtenorganisaties fors toegenomen. Het Israëlische leger grijpt volgens deze organisaties zelden in, en het huidige beleidsklimaat onder de veelal rechtse regering stimuleert uitbreiding van nederzettingen.

Bons‑Storm werkte op de boerderij mee aan dagelijkse taken — koken, schoonmaken, zelfs een middag bomen planten — maar benadrukt dat haar belangrijkste bijdrage haar aanwezigheid was. Internationale vrijwilligers fungeren er als afschrikking en geven bewoners een gevoel van veiligheid. Gastheer Daoud Nassar noemt haar komst bijzonder en zegt dat zulke buitenlandse aanwezigheid vaak de enige bescherming biedt omdat de politie of leger niet optreden. Bons‑Storm droeg praktische instructies mee, zoals een heuptasje met een noodnummer, en moest kalm blijven als kolonisten opdoken om escalatie te voorkomen.

De reis was niet zonder risico’s. Voor vertrek liet ze zich medisch keuren om anderen niet tot last te zijn; onderweg reisden ze via Tel Aviv en verschillende checkpoints. Op de boerderij sliep ze in een omgebouwde grot omdat bouwen op eigen grond vaak verboden wordt. Ook het geluid van luchtaanvallen en militaire vliegtuigen — dat haar terugbracht naar herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog — maakte indruk. Ze zegt niet bang geweest te zijn, maar het oorverdovende oorlogsgeraas vond ze vreselijk omdat het machteloosheid oproept.

Bons‑Storms drijfveer is een lang doorgevoerde afkeer van onrecht en een levenshouding van burgerplicht die ze van haar vader meekreeg. Als een van de pioniers van de feministische theologie en met een loopbaan in onderwijs en maatschappelijke betrokkenheid, ziet ze vrijwilligerswerk voor Palestijnen als onderdeel van dezelfde inzet. Ze noemt de familie en hun strijd persoonlijk: „Het probleem krijgt gezichten waar ik van houd,” en daarom wil ze terugkeren.

Tent of Nations zet in op geweldloos verzet en organiseert activiteiten voor jongeren en vrijwilligers onder het motto „We refuse to be enemies.” De situatie rond de boerderij illustreert bredere problemen op de Westelijke Jordaanoever: ongeveer 3 miljoen Palestijnen leven er onder bezetting sinds 1967, bewegingen worden beperkt door checkpoints en snelwegen, en ruim 600.000 Israëlische kolonisten wonen er volgens internationaal recht op grond die als illegaal wordt beschouwd. Voor de Nassars en soortgelijke families zijn internationale supporters een praktische en symbolische steun in een diepe, langdurige juridische en fysieke strijd om grond en bestaansrecht.

Bons‑Storm overweegt binnenkort terug te keren. Voor haar betekent de inzet niet alleen politieke ondersteuning, maar ook persoonlijke verbondenheid met mensen wiens leven en land onder druk staan.