Rente waarschijnlijk naar 2,25 procent: wat betekent dat voor spaarders en de economie?
In dit artikel:
De Europese Centrale Bank (ECB) zal naar verwachting donderdag de rente verhogen van 2 naar 2,25 procent — de eerste stijging in drie jaar — om oplopende inflatie te beteugelen. Die verhoging beïnvloedt onder meer de spaarrente: spaarders profiteren weliswaar, maar niet meteen van spectaculaire extra opbrengsten; de stap van 0,25 procentpunt is vooral een begin. De markt rekent bovendien op nog twee vergelijkbare verhogingen later dit jaar, wat verdere verbetering voor spaarrentes waarschijnlijker maakt.
Voor hypotheekrentes worden grote verschuivingen niet verwacht omdat de markten al rekening houden met drie renteverhogingen; die verwachting is volgens ING-econoom Bert Colijn grotendeels “ingeprijsd”. Colijn benadrukt daarnaast dat een hogere rente niet alle oorzaken van de huidige prijsdruk wegneemt. Vier jaar geleden ontstond de inflatie vooral door aanbodproblemen na corona (gestremde havens in China), later verergerd door de oorlog in Oekraïne en het wegvallen van Russisch gas, waardoor de energieprijzen sterk opliepen en de ECB gedwongen was de rente snel op te voeren (tot circa 4 procent).
Nu stijgen de prijzen opnieuw vooral door hogere energieprijzen, deels veroorzaakt door verstoringen in het Midden-Oosten: tankers uit die regio komen nauwelijks meer door sinds de blokkade van de Straat van Hormuz. Zoals Colijn kernachtig stelt: “Een renteverhoging leidt niet tot de opening van de Straat van Hormuz.” Desondanks acht hij ingrijpen toch noodzakelijk; de ECB wil vermijden dat zij opnieuw te laat reageert en daarmee haar geloofwaardigheid als inflatiebestrijder verliest.
De achterliggende zorg is dat aanhoudende inflatie de verwachtingsankers van consumenten en bedrijven losmaakt: bedrijven verhogen prijzen vooruit, werknemers en vakbonden vragen hogere lonen, en zo ontstaat een zelfversterkende loondynamiek. Om dat te voorkomen moet de ECB tijdig en voldoende krachtig optreden, bij voorkeur zó dat inflatie daalt zonder de economische groei onnodig te knellen.