Rekenkamer fileert EU-megaplan: vervoersnet jaren vertraagd en kosten rijzen de pan uit
In dit artikel:
In 2013 spraken de EU-lidstaten af dat acht grote grensoverschrijdende TEN‑T‑vlaggenschipprojecten in 2030 voltooid zouden zijn. In 2026 is die deadline echter ver buiten bereik: volgens een vernietigend rapport van de Europese Rekenkamer staan de projecten gemiddeld zeventien jaar achter op schema (in 2020 verwachtte men nog een vertraging van elf jaar).
TEN‑T (Trans‑Europese Transportnetwerk) is bedoeld om wegen, spoor, binnenwateren en luchtroutes in de EU te verbinden en technische barrières zoals spoorbreedtes en beveiligingssystemen weg te nemen. Voorbeelden van vertraagde trajecten zijn de Brenner‑basistunnel (Oostenrijk–Italië), de Roemeense snelweg A1, de Baskische Y in Spanje en Rail Baltica die de Baltische staten op het Europese spoor moet aansluiten. Veel projecten kampen ook met forse kostenoverschrijdingen: reëel gemiddeld 82% hoger dan oorspronkelijk geraamd; Rail Baltica kost inmiddels bijna vier keer zoveel en de Seine‑Schelde‑waterweg ruim ruim drie keer zoveel. De EU heeft tot nu toe 15,3 miljard euro in deze projecten gestoken, maar die pot wordt niet verhoogd.
De Rekenkamer, onder leiding van het Belgische lid Annemie Turtelboom, waarschuwt dat deze achterstanden de interne markt, concurrentiekracht en strategische onafhankelijkheid aantasten. Turtelboom: „Europa kan zich geen nieuwe vertragingen veroorloven.” Oorzaken zijn onder meer de coronapandemie, de oorlog in Oekraïne, nieuwe regelgeving, technische problemen, optimistische planning, nationale belangen en faalrijke aanbestedingen. De Europese Commissie nam één keer formeel maatregelen (artikel 56) tegen Roemenië en lanceerde in november een actieplan voor sneller grensoverschrijdend hogesnelheidsspoor, maar de Rekenkamer betwijfelt of uitvoering en governance dat kunnen waarmaken.