Referendum over Israël-boycot in Amsterdam voorlopig afgewezen
In dit artikel:
Een door inwoners geïnitieerd referendum over een mogelijke boycot van Israël in Amsterdam gaat voorlopig niet door, volgens een advies van de lokale referendumcommissie aan de gemeenteraad. Het burgercollectief Amsterdam Palestina Referendum (APR) had binnen 48 uur meer dan de vereiste duizend handtekeningen verzameld voor een alternatief burgervoorstel met tien maatregelen tegen Israël, maar de commissie vindt dat het onderwerp niet in behandeling kan worden genomen.
De kernreden is dat buitenlandse politiek buiten de bevoegdheid van de gemeenteraad valt; uitvoerende maatregelen richting een ander land zijn een taak van het Rijk. De commissie wijst op een historisch precedent uit de jaren tachtig toen landelijke instanties gemeentelijke boycotmaatregelen tegen Zuid-Afrika terugdraaiden, en concludeert dat Amsterdam juridisch beperkt is in dit domein.
Daarnaast oordeelt de commissie dat het niet wenselijk is een referendum te organiseren over een standpunt van de raad zelf, omdat dat een precedent kan scheppen en de deur zou openen voor verzoeken over allerlei raadsstandpunten. Ze noemt ook dat Amsterdammers al andere mogelijkheden hebben om hun mening te uiten, zoals petities en demonstraties.
Het referendum was verbonden aan een eerder voorstel van raadsleden Ahmadi (De Vonk) en Khan (Denk) dat opriep tot een boycot van Israël en vond steun bij organisaties zoals de Amsterdam Palestina Coalitie en de Palestijnse Gemeenschap in Nederland. De gemeenteraad neemt uiteindelijk de definitieve beslissing; de commissie’s advies weegt zwaar en een nieuw geïnstalleerde raad wordt in mei verwacht met een besluit. Voorlopig lijkt de referendumaanvraag daarmee van de baan.