Rechter: minister mocht bed-bad-brood van 16 mensen niet stoppen

vrijdag, 24 april 2026 (18:38) - Reformatorisch Dagblad

In dit artikel:

Ex-minister van Asiel en Migratie Marjolein Faber handelde onjuist door de opvang van zestien vreemdelingen in Rotterdam te willen beëindigen, oordeelde de bestuursrechter in Rotterdam vrijdag. Het kabinet wilde per 1 januari 2025 stoppen met de rijksbijdrage voor de zogenoemde bed-bad-broodregeling, maar de rechter stelde vast dat Faber onvoldoende had aangetoond dat het beëindigen van de opvang de betrokkenen niet in onmenselijke omstandigheden zou brengen. De groep van zestien wordt door de rechtbank als kwetsbaar en onvoldoende zelfredzaam gezien: omdat zij geen netwerk hebben, niet mogen werken en geen recht hebben op andere voorzieningen, zijn ze volledig afhankelijk van de overheid; er was geen alternatief aangeboden omdat zij niet aan toelatingscriteria voldoen. Voor vier andere appellanten bleek beëindiging van de opvang wél toegestaan. De minister moet nu nieuwe besluiten nemen die rekening houden met het oordeel van de rechtbank; tot die tijd mogen de zestien personen in de opvang blijven. Europese regels en jurisprudentie spelen een rol: ook mensen die onrechtmatig in Nederland verblijven mogen niet in onmenselijke situaties worden achtergelaten.