Rechter haalt streep door 'papieren werkelijkheid' rond windmolens in Dronten
In dit artikel:
De rechtbank heeft de gemeente Dronten opgedragen om gedurende een jaar feitelijke geluidsmetingen uit te voeren bij windpark Windplanblauw bij Swifterbant, omdat eerder uitsluitend gebruikte rekenmodellen en fabrikantsgegevens volgens de rechter onvoldoende zijn. Deze uitspraak komt nadat de belangenorganisatie Stichting Windbrekers en een groep omwonenden twee jaar geleden een handhavingsverzoek indienden; de gemeente wees dat verzoek tweemaal af op basis van berekeningen waartegen bewoners in beroep gingen.
Omwonenden klagen al langere tijd over het geluid van draaiende wieken en met name laagfrequente bromtonen, wat volgens hen slaapproblemen en andere gezondheidsklachten veroorzaakt. De rechter oordeelde nu dat de gemeente niet heeft aangetoond dat de turbines daadwerkelijk binnen de wettelijke geluidsnormen blijven en dat alleen theoretische berekeningen niet volstaan om die zekerheid te geven.
Als gevolg van het vonnis moet Dronten representatieve meetseries over maximaal vijftien maanden verzamelen en op basis daarvan opnieuw beslissen of de windmolens aan de normen voldoen. Deskundigen noemen de uitspraak opvallend omdat bestuurders normaal gesproken vooral op rekenmodellen vertrouwen; hoogleraar bestuursrecht Herman Bröring noemde het vonnis vernieuwend en overtuigend en wees erop dat metingen de werkelijkheid soms anders tonen dan modellen suggereren.
Stichting Windbrekers en betrokken inwoners reageren opgelucht; voormalig huisarts Paul Kemps zegt dat de uitspraak een doorbraak is omdat nu de overheid moet aantonen dat de turbines veilig zijn, in plaats van dat bewoners hun overlast moeten bewijzen. De gemeente Dronten houdt zich voorlopig afzijdig en bestudeert het vonnis voordat zij inhoudelijk reageert.
De zaak kan landelijke consequenties hebben: gemeenten en andere bestuursorganen zouden vaker verplicht kunnen worden tot langdurige geluidsmetingen bij nieuwe of bestaande windparken, en kunnen bezwaren van omwonenden minder makkelijk afdoen op basis van fabrikantsdata. Stichting Windbrekers benadrukt geen principieel verzet tegen windenergie, maar pleit wel voor grotere afstand tussen turbines en woningen — zij noemen drie kilometer als gewenste minimale afstand.