Rechter dwingt Trump omstreden belasting-spotjes te stoppen
In dit artikel:
Een federale rechter in New York heeft president Donald Trump opgedragen onmiddellijk te stoppen met een omstreden televisiecampagne die met 20 miljoen dollar aan overheidsgeld is betaald. Rechter Jennifer L. Rochon bepaalde zondagavond dat resterende reclamespots met een politieke boodschap van de zender moeten worden gehaald, ook als ze al voor uitzending waren gepland.
De uitspraak volgde op een rechtszaak van een coalitie met onder meer Common Cause. Volgens de eisers schendt de campagne een federale wet die het gebruik van toegewezen overheidsmiddelen voor ‘publicity or propaganda’ verbiedt. Rochon legde bovendien een tijdelijke beperking van twee weken op: de regering mag in die periode geen nieuwe contracten sluiten, verlengen of uitbreiden voor de productie, verspreiding of uitzending van de advertenties.
De campagne wordt betaald uit een budget van het ministerie van Homeland Security dat volgens een hoge functionaris onder meer bedoeld was voor het herdenken van grensbewakingsinspanningen. De sinds eind september uitgezonden spots bevatten Trumps waarschuwingen voor communisme, materiaal uit een eerdere verkiezingscampagne en lof voor de rol van zijn regering bij de arrestatie van de Venezolaanse leider Nicolás Maduro. Critici noemen de advertenties politieke propaganda omdat ze Trump persoonlijk verheerlijken en zijn boodschap voor de tussentijdse verkiezingen versterken, zonder burgers over concrete overheidsprogramma’s te informeren.
Trump verdedigde de campagne aanvankelijk, maar zei op 5 oktober dat nieuwe advertenties uit politieke fondsen zouden worden betaald. Het ministerie van Justitie vond een noodbevel daarom overbodig. Het Witte Huis heeft echter geen plannen aangekondigd om al uitgegeven belastinggeld terug te betalen. De campagne kreeg ook kritiek van Republikein John Thune, terwijl de Democraten een afzonderlijke rechtszaak zijn begonnen.
Vandaag Inside: Tina Nijkamp gaat In de Wandelgangen verder in op uitspraken Angela de Jong: 'Dat vind ik jammer...'