Rechtbank erkent geweldloze oproep Van Meijeren, maar acht hem alsnog schuldig
In dit artikel:
Gideon van Meijeren (FVD) zegt dat de rechtbank in zijn strafzaak een ongebruikelijke redenering hanteerde: hoewel de rechter volgens hem erkende dat hij nergens expliciet tot geweld had opgeroepen en juist pleitte voor vreedzaam verzet, werd hij in eerste aanleg toch schuldig bevonden. De rechtbank zou losse, op zichzelf niet-strafbare uitlatingen samen hebben gelezen als één bredere context of ‘narratief’ die bij anderen het idee van geweld zou kunnen oproepen.
Van Meijeren geeft aan dat dit narratief draait om terugkerende politieke boodschappen — wantrouwen jegens een vermeende elite, het gevoel van ontneming van grondrechten en de overtuiging dat verzet niet alleen recht, maar plicht is — en dat juist die samenhang de doorslag zou hebben gegeven. Hij noemt die uitleg gevaarlijk voor de vrijheid van meningsuiting en wil in hoger beroep laten toetsen of deze interpretatie standhoudt. Het interview vond plaats bij LightHouseTV; het hoger beroep zal duidelijkheid moeten brengen over de grens tussen politieke retoriek en strafbare aanzet tot geweld.