Raad van State: asielzoekers moeten dwangsommen boven vermogensgrens inleveren voor eigen opvang
In dit artikel:
De Raad van State heeft woensdag geoordeeld dat asielzoekers die dwangsommen ontvingen omdat de Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) te laat besliste, een deel van dat geld moeten afdragen voor hun eigen opvang bij het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). In een zaak van vier asielzoekers ging het om uitkeringen van ongeveer 15.000 tot 30.000 euro, die zij ontvingen nadat het ministerie een boete moest betalen wegens de lange behandelingsduur.
De eisers betoogden dat die betalingen immateriƫle schadevergoeding waren en dus niet als vermogen mochten meetellen. De Raad van State wees dat af: de dwangsommen dienen als prikkel voor de overheid om sneller te beslissen en kunnen daarom wel worden beschouwd als eigen middelen. Daarmee volgt de hoogste bestuursrechter de bestaande werkwijze van het COA.
Op grond van Europese regels mogen lidstaten asielzoekers die over voldoende persoonlijke middelen beschikken laten meebetalen aan huisvesting. Nederland hanteert daarvoor vermogensgrenzen (ongeveer 6.300 euro voor alleenstaanden en circa 12.500 euro voor alleenstaanden met kind of echtparen); wie daarboven zit, betaalt maandelijks een bijdrage, berekend met een vaste formule, totdat het vermogen weer onder de grens zakt. In deze zaak bedroegen de gevraagde bijdragen tussen circa 2.600 en 11.600 euro.