Publiek helpt politie graag bij oplossen van misdrijven: 'Soms geven moeders hun kind aan bij politie'

maandag, 23 maart 2026 (20:02) - Het Parool

In dit artikel:

Maandag maakte de politie de gezichten van 79 verdachten openbaar om het publiek te mobiliseren bij de opsporing van onder meer oplichting en nepagenten. Het openbaar maken van beelden gebeurt volgens het Openbaar Ministerie onder strikte voorwaarden: het moet gaan om ernstige strafbare feiten waarbij voorlopige hechtenis mogelijk is (meestal zaken met een mogelijke gevangenisstraf van vier jaar of meer), de maatregel moet in verhouding zijn tot de ernst van het delict en er wordt een aparte afweging gemaakt door de officier van justitie.

Het publiek levert vaak concrete tips op. Televisie-interviews met slachtoffers wekken empathie en verhogen de meldingsbereidheid, en beeldschermen in winkelgebieden of programma’s als Opsporing Verzocht hebben historisch veel effect gehad. Volgens persofficier Ernst Pols vangen dergelijke acties vooral gelegenheidsovertreders: mensen die zichzelf herkennen en zich dan melden, soms na aandringen van partners of familie. De politie gebruikt naast traditionele media ook digitale middelen: gerichte Facebook-ads per postcode en zelfs hologrammen zijn ingezet met succesvol resultaat.

Er kleven ook grote nadelen aan het tonen van verdachten. Beelden kunnen viraal gaan en op sites en sociale media veel schadelijke reacties oproepen; foutieve of misplaatste publicatie kan iemands reputatie onherstelbaar beschadigen. Daarom wordt soms bewust gekozen om beelden juist níét vrij te geven — bijvoorbeeld wanneer uit het onderzoek blijkt dat er sprake is van ernstige psychische problemen bij een dader en alternatieve opsporing via een psychiatrische instelling effectiever is.

Kortom: het publiek inschakelen is een krachtig opsporingsinstrument dat de politie “extra handen” oplevert, maar het gebruik ervan vereist zorgvuldige wettelijke en ethische afwegingen om onterechte schade te voorkomen.