Provincie Drenthe zet alles op alles om te voorkomen dat familie Stevens een woonboerderij bouwt in Donderen
In dit artikel:
Jan‑Roelof Stevens en zijn vrouw kochten een perceel van ruim 4.000 m² aan de Middenweg in het esdorp Donderen (achter eetcafé Hoving) met de bedoeling daar een rietgedekte boerderij te bouwen. De gemeente Tynaarlo steunde het plan als voorbeeld van ‘inbreiding’ binnen bestaand dorpgebied en wilde het bestemmingsplan daarvoor aanpassen. Een directe buur op de Vriezerweg, wiens tuin aan het perceel grenst, verzette zich echter: hij protesteerde tegen kap van bomen en struiken en stelde dat de voorgestelde woning de cultuurhistorische openheid van de esdorpstructuur zou aantasten.
De provincie Drenthe mengde zich na aanvankelijke radiostilte in het dossier. Volgens de provincie gaat het om een historische open plek en mag daar geen woning worden neergezet; zij beroept zich op het Cultuur Historisch Kompas en de Provinciale Omgevingsverordening. Uit via de Woo verkregen interne stukken blijkt dat die uitspraak pas kwam nadat de gemeente een ontbrekende tekening aanvulde en dat ambtenaren soms zochten naar argumenten om tegenbouw te legitimeren. Ook blijkt dat de provincie haar zienswijze eerst deelde met de klagende buurman voordat Stevens werd geïnformeerd, wat vragen oproept over het fair play‑beginsel en de objectiviteit van de handelwijze. In de stukken vallen fragmenten op waarin provinciale formuleringen sterk overeenkomen met de bewoordingen van de buurman.
De rol van het provinciebestuur escaleerde verder toen commissaris van de Koning Jetta Klijnsma op 14 oktober 2025 telefonisch aan Tynaarlose bestuurders verzocht het dossier van de raadsagenda te halen. De raad haalde aanvankelijk het agendapunt weg, maar zette het een maand later alsnog op de agenda en besloot unaniem het bestemmingsplan te wijzigen zodat Stevens mocht bouwen. Gedeputeerde Staten van Drenthe pakten daarop het zwaarste instrument: een ‘reactieve aanwijzing’ waarmee een provinciebestemmingsplan een gemeentelijke wijziging kan blokkeren. Deze maatregel is uitzonderlijk en werd volgens het artikel sinds 2015 zelden ingezet.
Binnen het provinciebestuur waren er meningsverschillen over die harde stap; enkele gedeputeerden en adviseurs vonden de reactieve aanwijzing onevenredig of ‘niet billijk’, anderen wilden geen terugkrabben omdat al ‘hoog spel’ was gespeeld en men rekening hield met het signaal naar omwonenden. De inzet van de reactieve aanwijzing leidt nu tot een juridische strijd: de gemeente Tynaarlo gaat in beroep en Stevens is een bodemprocedure bij de Raad van State gestart. Stevens betaalde al veel voorbereidingskosten en stelde bovendien een melding van mogelijke corruptie van provinciale ambtenaren bij het Openbaar Ministerie; de provincie ontkent onregelmatigheden en zegt dat cultuurhistorisch advies consistent met eerdere lijn was.
De zaak sleept sinds 2021 en Drenthe is sinds november 2023 actief betrokken; doorlopend ambtelijk werk, juridische adviezen en bestuurlijke contacten hebben mogelijk tot zes- of zelfs zevencijferige kosten geleid voor provincie en gemeente samen. De omgeving en de belastingbetaler lopen daardoor risico op extra uitgaven, terwijl de initiatiefnemer vastzit in een lang traject.
Belanghebbenden reageren verdeeld: gedeputeerde Yvonne Turenhout verwijst naar lopende rechtsprocedures en ontkent aanwijzingen voor misstanden; wethouder Jurryt Vellinga wil geen inhoudelijk commentaar maar hoopt op een bevredigende uitkomst; de protesterende buurman voelt zich door de gemeente in de steek gelaten en steunt de provinciale ingreep omdat hij het cultuurhistorisch belang wil beschermen.
Kern van het conflict is dus niet alleen de bouw van één woning, maar de spanning tussen lokale ontwikkelingsruimte (inbreiding) en provinciaal cultuurhistorisch beleid over open plekken in esdorpen, gecombineerd met vragen over bestuurlijke onafhankelijkheid, procedurele rechtvaardigheid en de proportionele inzet van bestuurlijke instrumenten.