Protest tegen Iraans regime in Den Haag: „Ik voel me verlamd als ik de beelden uit Teheran zie"
In dit artikel:
Dinsdagmiddag verzamelden zo’n veertig Iraanse Nederlanders en Nederlandse sympathisanten bij de Iraanse ambassade in Den Haag om te protesteren tegen het bewind van ayatollah Khamenei. De demonstratie, georganiseerd door het Comité Vrij Iran en bijgestaan door prominente politici zoals oud-minister Uri Rosenthal (voorzitter van het Comité), VVD-Kamerlid Ulysse Ellian en CDA’er Maxime Verhagen, vond plaats op een veldje op ongeveer 400 meter van de ambassade; de politie hield met drie busjes en zo’n twintig agenten toezicht.
De aanwezigen droegen de oude Iraanse tricolore met leeuw en scandeerden in het Perzisch en Nederlands leuzen als “Vrij Iran” en “Leve Reza Pahlavi”, waarmee zij hun steun uitspraken voor Reza Pahlavi, de zoon van de voormalige sjah die door velen als mogelijke opvolger wordt gezien mocht het huidige regime omvallen. Ook werd de Israëlische vlag zichtbaar meegedragen en klonk de kreet “Lang leve Iran. Lang leve Israël”, een teken van solidariteit voor sommige demonstranten met Israëlische acties tegen Iraanse functionarissen.
Achtergrond van het protest zijn de grootschalige volksopstanden in Iran die eind december begonnen en volgens mensenrechtenorganisatie HRANA werden neergeslagen met zwaar geweld; de organisatie schat het dodental op meer dan 2.000. De Iraanse autoriteiten legden recent het internet plat, waardoor veel directe communicatie en contact met familie in Iran onmogelijk werd. Dat persoonlijke leed kwam terug in getuigenissen: Nik, een dertiger die al zes jaar in Nederland woont, vertelde dat hij sinds de vijfdaagse internetblack-out niets van zijn familie weet en dat hij al vaker ondervraagd is door Iraanse veiligheidsdiensten. Samereh Heidari, die na ontslag als geschiedenislerares naar Nederland vluchtte, zei emotioneel gekluisterd te zijn door de beelden uit Teheran en noemde de rol van externe steun (waaronder Israël en de VS) belangrijk voor het verzwakken van het regime.
De sprekers riepen de Nederlandse overheid op tot harde maatregelen: het zetten van de Revolutionaire Garde (IRGC) op een lijst van terroristische organisaties, het uitwijzen van de Iraanse ambassadeur, het terugroepen van de Nederlandse ambassadeur uit Iran en het voor het Internationaal Gerechtshof dagen van Iraanse leiders. Organisatoren en aanwezigen benadrukten hoop op democratische verandering, terwijl frustratie en angst over de situatie in Iran duidelijk voelbaar waren.