Prof. Kater: Geloven met het hart heeft vaste grond onder de voeten
In dit artikel:
Emeritus hoogleraar praktische theologie Gerrit Immink publiceert na zijn emeritaat een nieuw boek, Onweerstaanbaar aangeraakt, waarin hij betoogt dat het christelijk geloof van wezenlijk belang blijft, ook in Nederland. Na eerdere studies over gebed (2016) en preken (2018) keert Immink terug naar het thema van geleefd geloof dat al in zijn werk In God geloven (2002) centraal stond. Zijn aandacht richt zich vooral op de innerlijke kant van het geloof: de affectieve, intentionele en relationele dimensies die geloof meer maken dan louter kennis.
Kernmotieven in het boek zijn ‘aanraking’ en ‘excentriciteit’. Immink stelt dat geloof zich manifesteert als een aanraking van buitenaf — God die de mens raakt — en dat de gelovige niet het centrum is van die ontmoeting. Daarmee zoekt hij een balans tussen Christus voor ons (het heil buiten ons) en Christus in ons (de innerlijke ervaring). Om dit te onderbouwen, maakt hij een historische route langs Calvijn, stemmen uit de Nadere Reformatie (zoals Taffin, Teellinck, Voetius, A. Brakel, Schortinghuis) en later ethisch-gereformeerde theologen (onder meer La Saussaye, Gunning, Noordmans, Van Ruler). Die tradities leveren perspectieven op het innerlijke leven en de spanning tussen verhevenheid en nabijheid van God.
Een belangrijk hoofdstuk behandelt ‘mystieke waarneming’; Immink zet Nietzsche bewust tegenover het religieuze spreken om te benadrukken dat Godsontmoetingen geen door de mens opgeroepen psychische gebeurtenissen zijn, maar ervaringsgebeurtenissen waarbij een ‘ik’ en een ‘Gij’ elkaar treffen — denk aan de Damascus-ervaring van Paulus.
De recensent merkt enkele kritische punten op: de ondertitel ‘levensecht’ blijft dubbelzinnig, en er had voor zijn smaak meer nadruk mogen liggen op de rechtvaardiging van de goddeloze; bovendien krijgt Schleiermacher volgens hem een te milde behandeling. Opvallend is ook dat de uitgever een alternatieve titel, Excentrieke innerlijkheid, weigerde — de recensent vindt die kernachtig.
Al met al wordt het boek aanbevolen voor studiekringen en lezers die zoeken naar een theologisch doordacht en historisch gevoed begrip van het innerlijke, relationele karakter van christelijk geloven.