Prins Bernard sprak onveranderlijk over 'Main vriend de Sjach' | column Jean Pierre Rawie

donderdag, 2 april 2026 (16:59) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Vandaag brede afkeer van het Iraanse bestuur staat in schril contrast met de aanvankelijke westerse reactie op de omwenteling van 1979. Toen de sjah Mohammed Reza Pahlavi werd verdreven, vierden veel progressieve kringen zijn val: zijn bewind was berucht vanwege de geheime dienst SAVAK en vermeende martelingen, terwijl zijn pro-westerse moderniseringspolitiek hem tot jarenlang bondgenoot van NAVO-landen had gemaakt. Staatsbezoeken en elitevriendschappen veranderden in protesten; het dodelijk neerschieten van student Benno Ohnesorg in Berlijn (1967) droeg bij aan het publieke verzet tegen de sjah.

Nadat de sjah was afgezet, kreeg het nieuwe religieuze bewind in het begin vaak het voordeel van de twijfel. Links-intellectuelen omschreven ayatollah Khomeini soms als een beter alternatief, hoewel later duidelijk werd hoe repressief zijn regime zou zijn. De gesneuvelde reputatie van de sjah leidde ertoe dat hij na zijn vlucht vrijwel overal ongewenst was: hij zwierf van Egypte en Marokko naar Panama en Mexico en ontving uiteindelijk slechts incognito medische behandeling in de Verenigde Staten. Uit vrees voor escalatie rond de gijzeling van de Amerikaanse ambassade in Teheran weigerde president Jimmy Carter hem een verblijfsvergunning; de sjah stierf kort daarna in het door Anwar Sadat geregeerde Egypte aan leukemie.

De columnist trekt een historisch parallel met het lot van tsaar Nicolaas II, die na zijn aftreden eveneens in de steek werd gelaten door westerse staatshoofden en later door de bolsjewieken werd vermoord. Een venijnige anekdote uit het sjah-tijdperk — over een Panamese machthebber die de kamer van keizerin Farah Diba niet wilde verschonen met het oog op seksuele beschikbaarheid — illustreert volgens de schrijver ook de verachtelijke omgang met het gevallen vorstenpaar.

Het verhaal fungeert als waarschuwing: westerse afkeer van dictators kan jarenlang worden gevoed door terechtwijzingen, maar politieke opportuniteit en lafheid kunnen ertoe leiden dat zelfs een controversiële bondgenoot uiteindelijk alleen wordt gelaten.