'Pretpark Hennie' is een prachtig portret van een rasoptimist die aan hoogmoed ten onder gaat
In dit artikel:
De documentaire Pretpark Hennie van Max Ploeg portretteert Hennie van der Most, de flamboyante ondernemer die al decennia in Nederland opvalt met ambitieuze, vaak haast onmogelijke projecten. De film volgt hem in de aanloop naar de opening van zijn megaproject Rivoli: een pretpark in het hart van Rotterdam dat volgens zijn belofte op zijn 75ste jarige verjaardag open zou moeten gaan.
Van der Most, zonder formele diploma's en naar eigen zeggen slecht in lezen en schrijven, verdiende een fortuin met staalhandel en horeca en investeerde uiteindelijk zo’n 45 miljoen euro in Rivoli. Na meer dan twaalf jaar loopt het geduld van de gemeente op: kritische raadsleden noemen zijn plannen luchtkastelen en de wethouder dreigt het erfpachtcontract niet te verlengen. Tegelijkertijd negeert Van der Most waarschuwingen van personeel en mengt hij zich in de kleinste details—van de presentatie van een frikandel tot andere triviale keuzes—waardoor zijn leiderschap als micromanagement overkomt.
Ploegs film schetst een meeslepend beeld van een rasoptimist wiens hoogmoed hem fataal wordt. De meest aangrijpende scène is het moment waarop Van der Most op zijn verjaardag beseft dat het park er niet zal komen: schuldeisers bellen, medewerkers vertrekken, en zijn droom voor de kleinkinderen spat uiteen. Inmiddels is het terrein overgenomen door Wim Beelen, die het project wil hernoemen tot ‘Spelen bij Beelen’. De documentaire roept sympathie en bewondering op voor Van der Mosts doorzettingsvermogen, maar toont vooral hoe ambitie en koppigheid een levenwerk kunnen ondermijnen.