Praat mee | Hoe ervaar jij de psychische hulp bij de huisarts?
In dit artikel:
Ongeveer 600.000 Nederlanders per jaar zoeken hulp bij een praktijkondersteuner binnen de huisartsenpraktijk (POH-ggz). Roger Prudon van Lancaster University onderzocht in recente analyses of de doelen die bij de invoering van de POH-ggz in 2008 werden gesteld ook echt zijn behaald. Hij bekeek daarvoor gegevens van in totaal zo'n 900.000 mensen en concludeert dat drie beoogde effecten uitblijven: de inzet van POH-ggz verkleint de druk op de reguliere ggz niet, leidt niet tot betere mentale gezondheid op de lange termijn en voorkomt geen uitval op het werk. Het enige concrete resultaat blijkt te zijn dat er meer mensen behandeld worden dan voorheen.
Prudon merkt wel op dat de POH-ggz voor sommige mensen op korte termijn nuttig kan zijn, maar dat specifieke kortetermijneffecten niet onderdeel waren van zijn onderzoek. Ook wanneer praktijkondersteuners als overbruggingszorg worden ingezet — ongeveer 20% van de patiënten gebruikt ze terwijl men wacht op behandeling in de basis- of specialistische ggz — leidt dat niet tot betere uitkomsten zodra patiënten in de ggz terechtkomen. De bevindingen roepen vragen op over de effectiviteit van de huidige opzet en over beleidskeuzes rondom eerstelijns geestelijke gezondheidszorg; meer gerichte evaluaties zouden moeten uitwijzen voor wie en onder welke omstandigheden POH-ggz wél werkt.