Pot voor arbeidsongeschikten vol, toch blijft politiek premie verhogen: 'Spookbelasting'
In dit artikel:
Werkgevers, vakbonden en gemeenten verzetten zich tegen het plan van het kabinet om de premies voor arbeidsongeschiktheid (Aof) verder te verhogen en zo gaten in de rijksbegroting te dichten. In het Arbeidsongeschiktheidsfonds staat momenteel ongeveer 39 miljard euro aan reserves, maar Den Haag wil desondanks de premie omhoog houden en nieuwe verhogingen inzetten om tekorten in bijvoorbeeld zorgverzekeringen en hogere defensie-uitgaven (de zogenaamde vrijheidsbijdrage) te dekken.
De lastendruk voor werkgevers is de afgelopen jaren fors gegroeid; dit jaar bedraagt de premie rond de 7,6 procent van het loon. Daardoor stroomt meer geld naar het Aof dan eruit gaat, wat sinds 2017 heeft geleid tot een sterk groeiend vermogen in het fonds. Omdat andere inkomstenbronnen zoals hogere winstbelasting politiek gevoeliger liggen, zijn kabinetten de Aof-premie vaker gaan gebruiken als begrotingsinstrument.
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) noemt de verhouding tussen premieopbrengsten en uitgaven uit balans en wijst erop dat de aangekondigde defensieverhoging gemeenten ongeveer 34 miljoen euro extra zal kosten. Vakbond FNV spreekt van een verstopte belasting en wil voorkomen dat de premie voor de vrijheidsbijdrage ingezet wordt; de bond eist ook terugkeer van zeggenschap over sociale fondsen naar werkgevers- en werknemersorganisaties.
Rond 2.500 werkgevers, waaronder enkele gemeenten, hebben zich aangesloten bij een massaclaim tegen de Belastingdienst om te veel betaalde premies terug te vorderen. De VNG zelf doet niet mee aan de rechtszaak en zoekt bestuurlijke overlegvormen om het kabinet af te houden van verdere aanspraken op de Aof-gelden.