Geschokte reacties op explosie bij Joodse school in Amsterdam
In dit artikel:
Vannacht klonk een explosie tegen de buitenmuur van de Joodse school Cheider in Amsterdam; politie en brandweer waren snel ter plaatse, waardoor de materiële schade beperkt bleef. Het incident wordt binnen de politiek unaniem als een antisemitische daad bestempeld en heeft veel verontwaardiging opgeroepen.
Premier Rob Jetten zei dat hij de boosheid en angst begrijpt en snel het gesprek wil aangaan met de Joodse gemeenschap om hun veiligheid te waarborgen. Voortrekkers van meerdere partijen — van D66 en GroenLinks tot CDA, ChristenUnie, DENK en JA21 — veroordeelden de gebeurtenis en noemden het een directe aanval op de veiligheid van Joodse Nederlanders. D66-leider Jan Paternotte noemde de daad 'laffe intimidatie'; Jesse Klaver benadrukte dat het incident niet alleen een gebouw, maar de hele gemeenschap treft.
De vicevoorzitter van het Centraal Joods Overleg, Hans Weijel, sprak van afgrijzing en is vooral geschokt dat kinderen getroffen hadden kunnen worden. Hij wil niet speculeren over motieven of verbanden met de brandstichting bij een Rotterdamse synagoge een dag eerder; politieoptreden bij die zaak leidde wel tot de aanhouding van vier verdachten.
Het onderzoek naar de explosie in Amsterdam loopt, en politici dringen aan op maatregelen om antisemitisme te bestrijden en de veiligheid van gebedshuizen en religieuze scholen te garanderen.