Poldertheater bereikt kookpunt: Vakbonden gaan onvermijdelijk staken ondanks wankele knieval van kabinet
In dit artikel:
Gisteren kwamen kabinet, werkgevers en vakbonden bijeen in het Catshuis om te praten over de voorgenomen miljardenbezuinigingen op de sociale zekerheid. Aan tafel zaten onder meer minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken), vakbondsleiders Hans Spekman (FNV), Hans van den Heuvel (CNV) en Nic van Holstein (VCP), en vertegenwoordigers van werkgeversorganisatie VNO-NCW. Het overleg begon tegen het einde van de ochtend en duurde veel langer dan gepland: in plaats van anderhalf uur zaten de partijen bijna tweeënhalf uur te praten.
De bonden kwamen met een duidelijk eisenpakket: de bezuinigingsplannen op AOW, WW en WIA moeten van tafel. Vijlbrief trok deze week al één voorstel terug — het versnellen van de stijging van de AOW-leeftijd — maar het kabinet houdt vast aan de totale financiële taakstelling. Finance-minister Eelco Heinen blijkt niet bereid ook maar één concessie te doen, waardoor ruimte voor een brede doorbraak beperkt blijft.
De vakbonden hebben intussen al aangekondigde stakingen voor juni klaarstaan en zien die als noodzakelijk drukmiddel richting hun achterban. Politieke waarnemers in Den Haag wijzen erop dat die acties deels als speelruimte worden beschouwd: de bonden kunnen “even op de trom slaan” terwijl achter de schermen wordt doorgehandeld. De publieke dienst- en reizigerssectoren dreigen daardoor in juni hinder te ondervinden.
Opvallend was de verschuiving bij VNO-NCW-voorzitter Coen van Oostrom: laatst nog schijnbaar solidair met het bondskritiek, noemde hij de vasthoudendheid van de vakbonden aan stakingen nu “teleurstellend” en leek daarmee snel terug te keren naar een werkgeversstandpunt. Dat leidde tot kritiek dat de onderhandelingen veel theater bevatten — show voor het publiek, terwijl de dossiers in achterkamertjes worden afgewikkeld.
Tegelijkertijd heerst er bij sommige betrokkenen voorzichtig optimisme dat er nog voor de zomer een akkoord kan ontstaan. Of dat een definitieve stopzetting van de bezuinigingsvoorstellen betekent, blijft de grote vraag; voor de bonden is alleen het wegstrepen van de plannen acceptabel, niet het tijdelijk parkeren of heroverwegen ervan.