Plannen coalitie doorgerekend: koopkracht groeit minder, eigen risico naar 520 euro
In dit artikel:
Het Centraal Planbureau (CPB) heeft het nieuwe coalitieakkoord doorgerekend en komt tot de conclusie dat er weliswaar nog een minimale koopkrachtstijging overblijft, maar die is klein en ongelijk verdeeld. Over de kabinetsperiode zouden huishoudens gemiddeld 0,2 procent meer koopkracht krijgen — eerder werd nog 0,6 procent verwacht. Lage inkomens profiteren het minst: wie rond het minimumloon verdient ziet geen koopkrachttoename, mensen iets daarboven krijgen ongeveer 0,1 procent erbij en de hoogste inkomens ongeveer 0,3 procent.
De verslechtering komt vooral door de zogenoemde ‘vrijheidsbijdrage’: belastingtarieven worden niet volledig voor inflatie gecorrigeerd, waardoor mensen sneller in hogere schijven terechtkomen en meer belasting betalen. Daarnaast raakt het verhogen van het eigen risico in de zorg lagere inkomens relatief harder (van €385 nu naar €460 volgend jaar en €520 in 2030), omdat zij gemiddeld meer zorg verbruiken; ook de zorgtoeslag daalt.
Financieel gezien haalt de coalitie zijn eigen begrotingsdoel niet: het CPB verwacht aan het einde van de periode een tekort van 2,2 procent van het bbp, terwijl de coalitie streeft naar minder dan 2 procent. Dat is wel een verbetering ten opzichte van het bestaande beleid (waarmee een tekort van 2,4 procent werd berekend). De belangrijkste oorzaak van het hogere tekort zijn forse extra defensie-uitgaven: in deze periode stijgen die met circa €8,1 miljard. Daarnaast neemt de overheidsuitgave toe voor klimaat en milieu (€1,1 mrd) en andere posten.
Tegelijk staan er stevige bezuinigingen tegenover: vooral de zorg wordt gekort (~€7,9 miljard, grotendeels via het hogere eigen risico) en sociale zekerheid gaat er ongeveer €2,5 miljard op achteruit door een verkorting van de WW en minder opbouw van rechten. Gezinnen betalen gezamenlijk zo’n €4 miljard meer per jaar aan de overheid; bedrijven zien een lastenverzwaring van ongeveer €1,8 miljard.
Kijkend verder in de tijd schetst het CPB zorgelijke perspectieven: door aanhoudend hogere defensie-uitgaven en grote toekomstige investeringen in woningbouw, klimaat en stikstof zou de overheidsschuld zonder aanvullend beleid in 2060 kunnen oplopen naar circa 137 procent van het bbp (nu <50%). Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) voegt daaraan toe dat de voorgestelde klimaatmaatregelen weliswaar de uitstoot verminderen, maar niet volstaan voor de klimaatdoelen in 2050; ook de stikstofdoelen voor 2035 lijken op dit moment nog niet gegarandeerd, omdat veel regelgeving en effecten onzeker zijn.